Nieuwsbrief 2016 - 16


Augustus 2016 - CBRB nieuwsbrief Nr. 16

Het CBRB is de toonaangevende werkgeversorganisatie voor alle sectoren in de binnenvaart en vervult een strategische rol.

Inhoudsopgave:

  1. Resultaten enquête regelgeving in hoogte verstelbare stuurhuizen
  2. Digitale handhaving vereist Europees wettelijk kader
  3. Modernisering bemanningseisen
  4. Good Navigation Status
  5. Europese Richtlijn erkenning beroepskwalificaties in de binnenvaart
  6. Auto’s afzetten bij APMT-II
  7. Strategie en beleid openbare ligplaatsen (SEBOL) Rotterdam
  8. Duwaantekening in het Certificaat van Onderzoek (CvO)
  9. Bedrijfspensioenfonds - 2015 in vogelvlucht
  10. “Veerpont Krimpen aan de Lek to the rescue
 
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
 

Resultaten enquête regelgeving in hoogte verstelbare stuurhuizen

Naar aanleiding van het voorstel van nieuwe regelgeving voor in hoogte verstelbare stuurhuizen aan boord van binnenschepen hebben EBU en ESO met een enquête onderzocht wat de gevolgen van de nieuwe regels zijn voor de bestaande vloot. Hier kunt u de onderzoeksresultaten lezen.
Het onderzoek geeft een beeld in hoeverre aan de voorgestelde regelgeving voor in hoogte verstelbare stuurhuizen wordt voldaan. Geënquêteerden hebben, indien niet wordt voldaan, een indicatie gegeven van de kosten die gemaakt moeten worden om aan de regels te voldoen.
 
Het belangrijkste doel van de nieuwe regels is garantie van de veiligheid. Uit het onderzoek is gebleken dat veel schepen nog niet voldoen aan een groot deel van de voorgestelde regels. We hebben aanbevolen om bij de besluitvorming steeds nadrukkelijk de vraag te stellen wat de bijdrage van de nieuwe regelgeving is aan de veiligheid.
Wordt door de nieuwe regelgeving het risico op een incident, zoals het varen met het stuurhuis tegen een brug, daadwerkelijk verminderd of voorkomen?
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Digitale handhaving vereist Europees wettelijk kader

Door de ouderwetse regelgeving en de enorme verscheidenheid aan te controleren documenten lopen handhavende en politiediensten vaak achter de feiten aan en worden zij soms gezien als ineffectief. De te controleren regels moeten worden vereenvoudigd, het aantal documenten moet drastisch naar beneden en er moet in digitalisering geïnvesteerd worden. Kort gezegd was dat de hartekreet waarmee Aquapol, de Europese organisatie van waterpolitie- en controlediensten, de sociale partners (EBU, ESO en ETF) adresseerde.
Inmiddels zijn over dit thema enkele gesprekken gevoerd. Als resultaat daarvan is een gezamenlijke visie neergelegd in een brief die onlangs aan het Directoraat Mobiliteit en Vervoer (DG MOVE) van de Europese Commissie is gezonden. 
Daarin wordt benadrukt dat een consistent Europees wettelijk kader onontbeerlijk is. Volgens de organisaties moet dat bestaan uit drie componenten: beroepskwalificaties, bemanningseisen en digitale handhaving. Zij gaan ervan uit dat de handhaafbaarheid van de toepasselijke regelingen op die manier aanmerkelijk kan worden verbeterd. Dat zal weer tot gevolg hebben dat onwettige sociale praktijken worden ontmoedigd en dat het concurrentievermogen en eerlijke concurrentie worden gestimuleerd. Partijen uiten in de brief ook hun bezorgdheid over de vraag of de ontwikkeling van een digitaal handhavingsinstrumentarium wel op tijd klaar zal zijn.
 
Los van deze nog lopende discussie heeft het Joint Research Center (JRC) van de Europese Commissie de eisen voor een ‘electronic tool’ voor de binnenvaart al geïnventariseerd. Begin september heeft het JRC vertegenwoordigers van de relevante stakeholders, waaronder vanzelfsprekend ook de EBU, uitgenodigd om die eisen te bespreken.

Lees de gezamenlijke brief wetgevend kader voor de binnenvaart.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Modernisering bemanningseisen

Nadere vragen van CCR over wijzigingsvoorstellen
De sociale partners (EBU, ESO en ETF) hebben van de CCR een nieuwe brief ontvangen over hun voorstellen om op korte termijn een aantal wijzigingen in het Reglement voor het Scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP) aan te brengen. Uit de brief blijkt dat een deel van de gedane voorstellen op brede instemming binnen de CCR mag rekenen. Ten aanzien van sommige voorstellen zijn echter bij de delegaties van de lidstaten ook nadere vragen gerezen. Op bepaalde punten worden ook concrete tegenvoorstellen gepresenteerd. De brief vraagt om een schriftelijke reactie.
‘Anticiperend handhaven’ voorbarig
De Tweede Kamer heeft enige tijd geleden een motie aangenomen waarin gevraagd wordt bij de handhaving van de bemanningseisen nu al rekening te houden met de in brede kring gewenste modernisering.
Kennelijk gebeurt zoiets niet altijd met voldoende kennis van de stand van zaken. Het antwoord van minister Schultz van Haegen was dan ook een inkopper: je kunt nu eenmaal niet anticiperen op wijzigingen die nog niet vaststaan.

Onderzoeksvoorstel ingediend bij de Europese Commissie
Eind juni hebben EBU, ESO en ETF een uitvoerig onderzoeksvoorstel, getiteld Towards A Sustainable Crewing System (TASCS), ingediend bij de Europese Commissie. Uitgangspunt hierbij is dat er uiteindelijk een Europeesrechtelijk raamwerk voor bemanningseisen moet komen. Het onderzoek is bedoeld om alle relevante ontwikkelingen met betrekking tot de werkbelasting van bemanningsleden in kaart te brengen en tot een gedocumenteerd voorstel met verschillende opties te komen voor een gemakkelijk toe te passen (transparant, flexibel, duurzaam) en gemakkelijk te handhaven bemanningsinstrument, dat rekening houdt met de verschillende karakteristieken van het Europese waterwegennet. Als het voorstel wordt gehonoreerd zal het onderzoek via een tenderprocedure worden aanbesteed. EBU, ESO en ETF zullen dan een stuurgroep vormen die het project begeleidt. De uitvoering zal naar verwachting twee jaar in beslag nemen.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Good Navigation Status

Europese lidstaten hebben de verplichting om te zorgen dat alle klasse ≥ IV vaarwegen dusdanig worden onderhouden, dat een goede status van bevaarbaarheid voor de scheepvaart mogelijk blijft. Deze zogenaamde ‘Good Navigation Status’ staat in artikel 15 lid 3b van de Verordening 1315/2013 (TEN-T Verordening, let op: dit is een bestand van 121 MB!). In artikel 38 is te lezen dat het Europese kernvervoersnetwerk eind 2030 moet voldoen aan de vereisten van de genoemde Verordening.

In dit document kunt u meer informatie lezen over ‘Good Navigation Status’. Het onderwerp is relevant voor zowel personenvervoer als goederenvervoer. Het gaat onder meer over de vaargeulen, sluizen, bruggen, ligplaatsen, onderhoudsstrategie, bescherming tegen overstromingen, schommelingen van het waterpeil, morfologische kenmerken, walstroom, drinkwatervoorzieningen, beschikbaarheid van internet, bunkerfaciliteiten en faciliteiten afvalafgifte.




Uit de presentatie 'Good Navigation Status':
Entire TEN‐T core inland waterway network
EBU: een goed onderhouden netwerk van waterwegen zonder knelpunten onontbeerlijk
Omdat er geen nauwkeurige definitie in de verordening staat van Good Navigation Status, heeft de Commissie verzocht aan deskundigen om het concept van Good Navigation Status voor eind 2017 uit te werken. Dit gebeurt in samenwerking met alle relevante publieke en particuliere deskundigen, waaronder de lidstaten, de riviercommissies en vervoerders. EBU, en daarmee het CBRB, is uiteraard ook betrokken bij deze overleggen en heeft benadrukt dat een goed onderhouden netwerk van waterwegen zonder knelpunten onontbeerlijk is om de diensten van vervoer over water te waarborgen. EBU heeft ingebracht dat naast goede faciliteiten langs waterwegen en in havens, ook de informatie aan gebruikers met betrekking tot de efficiëntie van het vervoer van groot belang is. Verder moet de handhaving van de overeengekomen normen worden bepaald,  mede  gelet op steeds vaker voorkomende budgettaire beperkingen.
In artikel 15 van de TEN-T Verordening staan de vereisten voor de vervoersinfrastructuur
  1. De lidstaten zorgen ervoor dat binnenhavens aangesloten zijn op de weg- en spoorweginfrastructuur.
  2. Binnenhavens beschikken over ten minste één goederenterminal die op niet-discriminerende wijze en tegen transparante tarieven voor alle vervoerders toegankelijk is.
  3. De lidstaten zorgen ervoor dat:
    1. rivieren, kanalen en meren voldoen aan de vereisten voor waterwegen van klasse IV als neergelegd in de nieuwe classificatie van de waterwegen zoals die door de Europese Conferentie van de ministers van Vervoer (ECMV) zijn ingesteld, en dat er onder de bruggen continu een vrije hoogte is, onverminderd de artikelen 35 en 36 van deze verordening.
      Op verzoek van een lidstaat verleent de Commissie in terdege gemotiveerde gevallen vrijstellingen van de vereisten inzake minimumdiepgang (minder dan 2,50 m) en inzake de minimumhoogte onder bruggen (minder dan 5,25 m);
    2. rivieren, kanalen en meren worden dusdanig onderhouden dat een goede status van bevaarbaarheid voor de scheepvaart mogelijk blijft, onder naleving van de toepasselijke milieuwetgeving;
    3. rivieren, kanalen en meren worden uitgerust met RIS
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Europese Richtlijn erkenning beroepskwalificaties in de binnenvaart

Over het richtlijnvoorstel van de Europese Commissie (EC) betreffende de erkenning van beroepskwalificaties in de binnenvaart is uitvoerig onderhandeld met de lidstaten in de zogenoemde raadswerkgroep. Als resultaat hiervan heeft de Europese ministerraad onder leiding van het Nederlandse voorzitterschap op 7 juni een ‘algemene oriëntatie’ aangenomen. Daarnaast is over het voorstel een advies uitgebracht door het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC), waarbij het CBRB nauw betrokken was. Inmiddels zijn besprekingen over het voorstel begonnen in de Commissie Vervoer en Toerisme (TRAN) van het Europees Parlement.
Het voorstel moet nieuwe loopbaanperspectieven openen en de arbeidsmobiliteit bevorderen van mensen die in de sector werkzaam zijn. Daartoe voorziet het in de invoering van een gemeenschappelijk stelsel van bekwaamheidscertificaten voor alle dekbemanningsleden. Zij kunnen daarmee hun beroep uitoefenen op alle binnenwateren van de Europese Unie. Dit nieuwe stelsel, dat primair op competentie-eisen gebaseerd is, komt in de plaats van de bestaande regelingen die op ervaringseisen gebaseerd zijn. Verder worden er gemeenschappelijke criteria ingevoerd voor vaarwegtrajecten met specifieke risico’s, waarvoor de lidstaten aanvullende eisen, zoals plaatselijke bekendheid, mogen stellen.
De EBU en het CBRB staan achter het richtlijnvoorstel en het daarmee in te zetten beleid. Niettemin leven er wel enkele zorgen met betrekking tot het behoud van het bestaande veiligheidsniveau op de Rijn en de andere Europese vaarwegen. Voortzetting van de nauwe samenwerking met de CCR is hiervoor dringend noodzakelijk en wordt door het voorstel onvoldoende gewaarborgd. Weliswaar is onder auspiciën van de CCR een Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart (CESNI) gevormd, maar het bestaansrecht van dit comité als instituut moet in de toekomst nog bewezen worden. Dat neemt echter niet weg dat het CESNI ook voor de standaarden op het gebied van beroepskwalificaties is gemandateerd en met de ontwikkeling van die standaarden al voortvarend aan de slag gegaan is.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Auto’s afzetten bij APMT-II

Het afgelopen half jaar is er veelvuldig gesproken over de autoafzetproblematiek op MVII en het feit dat er op dit moment eigenlijk geen mogelijkheden zijn op MVII om auto’s aan en van boord te zetten, hetgeen een serieuze belemmering van de bedrijfsvoering van de binnenvaart betekent. In dit en dit artikel in eerdere CBRB-nieuwsbrieven bent u daarover geïnformeerd.
 
AMPT-II stond open voor onze argumenten en begreep het belang van goede autoafzetvoorzieningen, maar zag ook aan een aantal veiligheidsissues en gaf aan, niet de mankracht beschikbaar te hebben om het proces van auto’s aan/van boord te begeleiden. Niettemin zegde APMT-II toe om intern te zoeken naar mogelijkheden om het aan en van boord zetten van auto’s toch te faciliteren.
 
Inmiddels heeft APMT-II het volgende laten weten:
 
"Wij, APMT MVII, melden u dat vanaf heden het, onder strikte voorwaarden, alleen met toestemming van de terminal en tegen een vergoeding, toegestaan is om auto’s van barges af te halen. Wij zullen €75,- per keer in rekening brengen, daar het ons operationeel proces verstoord. Op dit alles in goede banen te leiden hebben wij een procedure opgesteld, welke u als bijlage bij deze email vind. Tevens vind u in de bijlage een email template (outlook msg of zip). Bedoeling is dat dit template gebruikt wordt als een schipper het verzoek wilt plaatsen bij ons. Alleen verzoeken welke volgens dit template gedaan worden, worden in overweging genomen. Daarnaast wil ik benadrukken dat wij expliciet toestemming moeten geven voordat het toegestaan is om de auto van of op de barge te plaatsen. Doormiddel van email brengen wij u op de hoogte of u toestemming heeft of niet."
 
De procedure komt er op neer, dat schippers vooraf per mail toestemming moeten vragen om auto’s aan/van boord te zetten. Hiervoor is geen termijn genoemd, maar zo tijdig mogelijk. Als de toestemming verkregen wordt, wordt er € 75 in rekening gebracht, door de schipper via PIN af te rekenen. Uiteraard dient de schipper er voor te zorgen dat de bezoekers juist en tijdig aangemeld zijn, en dat de veiligheidsvoorschriften bij APMT-II in acht worden genomen.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Strategie en beleid openbare ligplaatsen (SEBOL) Rotterdam

CBRB, ASV en Koninklijke BLN-Schuttevaer hebben in mei jl. een presentatie gehad van het Havenbedrijf Rotterdam (HbR) over de strategie en het beleid voor de openbare ligplaatsen in het Rotterdamse havengebied. Voor de ontwikkeling van dit beleid worden bezettingscijfers gemonitord en trends en ontwikkelingen alsmede feedback vanuit de sector meegenomen. Voor zowel vervoerders als verladers (terminals en bedrijven) is het belangrijk dat de afwikkeling van de binnenvaart efficiënt plaats vindt, nu en in de toekomst. Voldoende beschikbare ligplaatsen zijn hiervoor onontbeerlijk. In dit artikel kunt u meer lezen over een aanpak van deze problematiek en wordt met een korte enquête met enkele vragen uw reactie gevraagd.

Ligplaatsclusters

Om te kunnen bepalen hoe het is met de beschikbaarheid van de ligplaatsen, is Rotterdam opgedeeld in zogenaamde ligplaatsclusters, zie de onderstaande afbeelding. Binnen  de clusters is de maximale afstand 7 km ofwel een half uur varen. Voor een visie en aanpak van de aanleg, modernisering, verplaatsing of verwijdering van de ligplaatsen wordt gebruik gemaakt van de bezetting van de ligplaatsen in een cluster.

Primaire en secundaire aandachtsgebieden
Het HbR heeft een prioritering aangebracht in gebieden waar de ligplaatsproblematiek het grootst is en als eerste moeten worden aangepakt. De Rotterdamse haven is verdeeld in primaire en secundaire aandachtsgebieden.  

De ligplaatsclusters 5, 6, 8, en 9 zullen als eerste de aandacht krijgen en in het bijzonder de volgende type ligplaatsen:
  • Botlek (motorvrachtschepen met 1 kegel en een lengte tot 110 meter).
  • Hartelkanaal oost (schepen >110 meter zonder kegels).
  • Calandkanaal Oost (alle type schepen en alle lengtes zonder kegel).
  • Calandkanaal West (alle type schepen >110 m zonder kegel).
Bij de ligplaatsclusters 3, 4 en 12 zullen vervolgens de volgende type ligplaats aandacht krijgen.
  • Maasvlakte Zuid ( motortankschepen met 1 kegel van alle lengtes).
  • Bij Maasvlakte II (2 kegel ligplaatsen).
  • Vondelingenplaat (motortankschapen met 1 kegel met een lengte groter dan 110 meter). 

Enquête
De mening van het binnenvaartbedrijfsleven is belangrijk. We willen weten of u het eens bent met de door het HbR gekozen prioritering en aanpak. Hier is de link naar een korte enquête. Dank voor uw medewerking!

Werk in uitvoering
Er wordt in de Rotterdamse haven al hard gewerkt op meerder plaatsen. In deze eerder door het HbR gegeven presentatie kunt u lezen waar al gewerkt wordt aan oplossingen.

Binnenvaart Ligplaatsen Informatie Systeem
Tenslotte nog de opmerking dat door de binnenvaart steeds vaker gebruik wordt gemaakt van het Binnenvaart Ligplaatsen Informatie Systeem (BLIS). Dit systeem toont de actuele bezetting en de kenmerken van de openbare binnenvaart wacht- en ligplaatsen. 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Duwaantekening in het Certificaat van Onderzoek (CvO)

In recente mailwisselingen over de certificering van drijvende werktuigen per 2018 is vanuit enkele leden een ander, mogelijk aanpalend, aandachtspunt naar boven gekomen: dat van de duwaantekening voor duw- en sleepboten.
 
Op de CvO’s van deze schepen staat een tabelletje met diverse toegestane formaties en de bijbehorende maximale afmetingen. Deze tabel wordt per boot opgesteld na een geslaagde proefvaart. Als een formatie net buiten de maximale afmetingen komt, moet er opnieuw een proefvaart gedaan worden zodat deze formatie aan de tabel op het CvO toegevoegd kan worden.
 
Praktisch gezien is dit bijzonder onhandig: het resulteert in veel administratieve lasten, en het proces van proefvaart / certificering kost al gauw een aantal dagen. Nog los van de administratieve rompslomp en de kosten: die tijd is er vaak niet omdat het werk dan vaak al uitgevoerd is of moet zijn.
 
Verder lijkt het systeem niet praktisch opgesteld te zijn: men moet zich aan de formaties in de tabel houden en men mag, binnen de maximale afmetingen, niet variëren met het aantal gekoppelde pontons. Als men volgens het CvO bijvoorbeeld één ponton mag duwen van 22,80 m breed, mogen het er niet twee van elk 11,40 m breed zijn.
 
Voor de Nederlandse binnenwateren kan er een aanvullend duwcertificaat opgemaakt worden. Hierbij wordt een kubieke maat opgegeven voor de waterverplaatsing op basis van L x B x T. Dit is veel praktischer omdat de hoofdafmetingen niet meer bepalend zijn. De combinatie van L x B met een variabele diepgang biedt uitkomst. In het verleden werden deze aantekeningen gegeven voor zone 2, 3 en 4, maar sinds een aantal jaar mag zone 2 niet meer afgegeven worden. Voor bedrijven die veel op zone 2-wateren actief zijn betekent dit een belemmering van de werkzaamheden.
 
Als een duwformatie buiten de maximaal toegestane afmetingen komt zou dit probleem praktisch opgelost kunnen worden met een sleepboot ervoor. Ook dit is echter niet toegestaan: Een duwboot mag geen formatie maken die buiten zijn tabel komt.
 
Een mogelijke oplossing is, de duwaantekening op basis van kubieke maten ook weer voor zone 2 af te geven. Maar eigenlijk zou het hele systeem van duwaantekeningen op het CvO / CBB herzien moeten worden. Voor standaard duwbakken werkt de huidige opzet misschien wel, maar voor de bijzondere transport-bedrijven, met een variëteit aan pontons betekent dit een ongewenste belemmering van de normale bedrijfsvoering.
 
Dit onderwerp lijkt primair van belang voor de Ledengroep Sleep- en Bijzondere Transporten, maar wij willen bij deze graag bij andere relevante ledengroepen inventariseren of dit onderwerp ook voor hen van belang is.
 
Herkent u dit probleem en speelt dit ook bij u? Neem dan even contact met ons op.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

Bedrijfspensioenfonds - 2015 in vogelvlucht

Wat waren de belangrijkste onderwerpen voor Bedrijfspensioenfonds voor de Rijn- en Binnenvaart in 2015? Hoe presteerde het pensioenfonds financieel? U leest het in het jaarverslag dat onlangs verscheen. We vatten het jaarverslag kort samen.
 
Gingen de grafieken in 2014 omhoog, in 2015 zag het pensioenfonds vooral dalende lijnen. Dat gold voor de dekkingsgraad en het rendement op de beleggingen. Ondanks deze mindere resultaten lukte het om voor het eerst in jaren de pensioenen per 1 januari 2016 met 0,2% te verhogen.
 
Financieel gezien was 2015 een minder jaar
Waar kwam dat door? Dit zijn de 2 belangrijkste redenen:
  • Bedrijfspensioenfonds voor de Rijn- en Binnenvaart heeft, net zoals alle andere pensioenfondsen, veel last van de lage rente.
  • De overheid voerde nieuwe, strengere regels in.
De kerncijfers voor 2015 op een rij (bedragen x € 1.000)
  2015  2014 
 Waarde van de verplichtingen  705.619  654.401 
 Waarde van de beleggingen 795.605  783.612 
 Beleggingsopbrengsten 7.157  179.605 
 Rendement op beleggingen 1,7 %  29,8 % 
 Dekkingsgraad 106,5 %  115,4 % 

Meer lezen? Op rijnenbinnenvaartpensioen.nl >Downloads vindt u het volledige jaarverslag.

Ontvangt u onze digitale Pensioenflits al?
Hiermee blijft u op de hoogte van het laatste pensioennieuws in de rijn- en binnenvaart. Of kijk op rijnenbinnenvaartpensioen.nl. Hier vindt u meer informatie over de pensioenregeling.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

“Veerpont Krimpen aan de Lek to the rescue

Van 25 juli tot en met 30 juli is de Algerabrug tussen Capelle a/d IJssel en Krimpen a/d IJssel afgesloten geweest. Voor veel automobilisten die op zoek moesten naar een reisalternatief bood de veerpont tussen Krimpen aan de Lek en Kinderdijk uitkomst. Veerbedrijf de Visser B.V. vervoerde tijdens de afsluiting van de Algerabrug de mensen gratis van de ene naar de andere kant. Het aantal passagiers was ruim verdubbeld, zo wist mevrouw De Visser te vertellen. Als gevolg daarvan moesten er, aan beide kanten aan de wal, verkeersregelaars aan te pas komen om dit alles soepel te laten verlopen. Om de toestroom van het aantal extra auto’s en passagiers het hoofd te bieden werd er iedere dag, van 6:00 tot 19:00 uur, continu met de twee beschikbare ponten gevaren.
Voor veel mensen was het wennen om gebruik te maken van de veerpont. “Veel automobilisten maakten voor de eerste keer gebruik van de pont, daardoor durfden ze niet goed aan te sluiten op hun voorganger.” Met de deskundige hulp van het personeel op de beide veren werd ook dit probleem getackeld. Het personeel van het veerbedrijf was nadrukkelijk gevraagd om de vakantieplanning aan te passen voor deze ongewone situatie. Binnen het bedrijf werd daar niet moeilijk over gedaan en wilde iedereen er het beste van maken. Met deze enthousiaste inzet van de medewerkers en de exploitanten zelf, hopen ze de nieuwe reizigers enthousiast te hebben gemaakt voor een regelmatiger gebruik. Enkele reizigers waren positief verrast over hoe leuk het is om met de pont te reizen. Hopelijk zullen deze reizigers vaker gebruik gaan maken van deze en andere veerdiensten. Want wat is er nou leuker: vast staan in de file of gebruik maken van een pontje?  
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven

 

GEASSOCIEERDE ORGANISATIES

Transafe verleent diensten zoals het ontzorgen, supporten en verbeteren van processen welke gerelateerd zijn aan veiligheid, gezondheid, welzijn, milieu, kwaliteit en beveiliging.
TOS is internationaal dienstverlener voor de maritieme, offshore en wind energiesector. Sinds 1992 bemiddelen wij personeel en verzorgen wij ship deliveries.
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
 
Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart 
Vasteland 78 | 3011 BN  Rotterdam | tel:010-7989800
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. | www.cbrb.nl

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. uit de nieuwsbrief.
 Copyright © *|CURRENT_YEAR|*, Alle rechten voorbehouden.
CBRB medewerkers en leden handelen volgens de CBRB Complianceregeling Mededinging.






This email was sent to *|EMAIL|*
why did I get this?    unsubscribe from this list    update subscription preferences
*|LIST:ADDRESSLINE|*

*|REWARDS|*
Ga naar boven