Nieuwsbrief 2011 - 13

  1. Vernieuwde VIHB-regeling
  2. Verplichting Rijnvaartverklaring voor veerponten
  3. Belangrijke wijzigingen Binnenvaartregeling
  4. Inventarisatie verbeterpunten informatie-uitwisseling met overheidspartijen vanuit de binnenvaart
  5. CBRB gaat strategische samenwerking met Graydon aan
  6. Nieuwe URL voor de Integrale Security Toolkit
  7. Consumentenprijsindex / loontabellen
  8. CDNI-verdrag – Ontgassen VOS (Vluchtige organische stoffen)
  9. Presentatie onderzoek economisch belang passagiersvaart op 15 december 2011
  10. CBRB betrokken bij "Ketenoptimalisatie Containerbinnenvaart"
  11. Negatieve uitspraak CBP inzake klacht branche over AIS
  12. Publicatie "Eignung der Binnenwasserstraßen für den Containertransport"
  13. Uitkomst controle containervervoer gevaarlijke stoffen binnenvaart
  14. EBU ad-hoc werkgroep Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM) van start gegaan
  15. Dossier Walstroom aangemaakt op website CBRB
  16. Modificatie binnenvaartligplaatsen Rotterdam
  17. Inwerkingtreding aanvullend protocol Herziene Rijnvaartakte
  18. Bevoegdheden toezichthouders DHMR
  19. Nieuwe website CCR
  20. Zee- en binnenvaart: stap over op Liquified Natural Gas
  21. Graag uw input - enquête kostenontwikkelingen binnenvaart
  22. Ledenadministratie en wervingsactie
  23. CBRB Agenda

Vernieuwde VIHB-regeling

Zoals wij u in onze nieuwsbrief geïnformeerd hebben, zouden de criteria op de lijst voor alle Vervoerders, Inzamelaars, Handelaren en Bemiddelaars, de VIHB-lijst (de regeling die geldt bij het vervoeren van bedrijfsafvalstoffen) aangepast worden, met als voornaamste doel het verminderen van de administratieve lasten. Staatssecretaris Joop Atsma van het ministerie Infrastructuur & Milieu (I&M) had al eerder besloten de drie criteria te versoepelen voor het bedrijfsleven.

Door een tekort aan mankracht bij het ministerie, leek het er in eerste instantie op dat de gewijzigde regeling pas later in 2012 ingevoerd zou worden.

 

Het CBRB heeft gezamenlijk met Kantoor Binnenvaart, TLN, EVO en enkele brancheorganisaties die actief zijn in de afval(inzamel)branche, druk uitgeoefend op het ministerie door de gewijzigde regeling alsnog zo snel mogelijk in te laten gaan en met succes!

De aangepaste VIHB-regeling zal alsnog per 1 januari 2012 ingaan, zo werd ons meegedeeld door de betreffende beleidsmedewerker van Infrastructuur & Milieu.

 

Dit betekent in het kort, dat u bij het verlengen van uw VIHB-registratie minder te maken krijgt met administratieve lasten.

 

In het kort de vernieuwde VIHB-regeling

De eis van kredietwaardigheid van 18.000 euro zal in zijn geheel worden afgeschaft en de eis van vakbekwaamheid zal niet meer voor vervoerders (niet zijnde inzamelaars en handelaren) gelden.

De Verklaring Omtrent Gedrag (VOG), die nu elke 5 jaar opgevraagd moet worden bij de gemeente van inschrijving, zal bij de aangepaste regeling alleen nog aangevraagd moeten worden bij de eerste (en eenmalige) aanvraag van de vergunning voor het vervoer van afvalstoffen.

 

De criteria voor de VIHB-lijst (situatie tot en met 31 december 2011)

  1. Kredietwaardigheid - 18.000 euro eigen vermogen
  2. Vakbekwaamheid - vervoersvergunning (of vakdiploma afvalstoffen)
  3. Betrouwbaarheid - Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) elke vijf jaar opnieuw aan te vragen bij domicilie gemeente.

De criteria voor de VIHB-lijst (situatie vanaf 1 januari 2012)

  1. Kredietwaardigheidseis (van 18.000 euro eigen vermogen) vervalt in zijn geheel.
  2. Vakbekwaamheid vervalt voor vervoerders (niet zijnde inzamelaars en handelaren)
  3. Betrouwbaarheid- VOG alleen nodig bij eerste aanvraag VIHB-vergunning (dus niet meer voor de verlenging).

Let wel: de gewijzigde VIHB-regeling is pas werkelijk definitief bij publicatie in de Staatscourant!

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Verplichting Rijnvaartverklaring voor veerponten

De laatste tijd krijgen wij vragen over de verplichting van het hebben van een Rijnvaartverklaring bij veerponten. Dit na controles, waarbij bleek dat er geen Rijnvaartverklaring was en de exploitant een korte tijd krijgt om dit in orde te brengen. Wanneer de exploitant het niet in orde brengt krijgt men een boete van € 1.250,-.

 

Achtergrondinformatie:
Wat is een Rijnvaartverklaring nu eigenlijk? Bij bedrijfsmatig vervoer met een binnenschip tussen twee plaatsen aan binnenwater waarop de Herziene Rijnvaartakte van toepassing is, de zogenaamde Aktewateren volgens de Akte van Mannheim, moet de eigenaar van het schip, of de reder die het laat varen, in het bezit zijn van een Rijnvaartverklaring. Daarin verklaart de overheid van een staat, die betrokken is bij het verdrag, dat er een z.g. reële band bestaat tussen de eigenaar en de betreffende staat.

 

De achtergrond van de verplichting is, dat de Rijn de slagader van het scheepvaartverkeer door Europa is en dat men altijd wil weten wie men moet aanspreken als er op de rivier iets fout gaat.

Die reële band wordt aangenomen:
  • als iemand de nationaliteit van één van de Verdragsluitende Staten heeft en er woont, dan wel
  • als rechtspersoon naar publiekrecht is opgericht.

Dan moet het hoofdkantoor wel in zo'n staat zijn gevestigd of het moet daarvandaan wel de zaken doen en in dat geval moet de onderneming wel worden beheerd en bestuurd door personen waarvan de meerderheid bestaat uit staatsburgers van de Verdragsluitende Staten en die er ook wonen of als rechtspersoon hun zetel hebben.

 

In de Rijnvaartverklaring moet zijn vermeld de naam van het vaartuig, de naam van de eigenaar en eventueel van de exploitant en in het bijzonder:

  • de naam of het nummer, de plaats van inschrijving, het type en de categorie van het vaartuig;
  • de naam, de firmanaam, de woonplaats, de verblijfplaats of de zetel van de eigenaar en eventueel van de exploitant.

 

Op ander binnenwater dan waar de Rijnvaartverklaring verplicht is, moet de eigenaar of de reder in het bezit zijn van een bewijs van toelating of een document van de bevoegde autoriteit van een andere Lidstaat van de Europese Gemeenschappen of van een van de overige Staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte.

De verklaring of het document moet altijd aan boord zijn en moet worden getoond op verzoek van de met controle belaste autoriteiten.

 

Verplichting

Zoals in bovenstaande te lezen heeft de verplichting te maken met de toegang tot de markt.

Een en ander is geregeld in hoofdstuk 2 van de Binnenvaartwet en het Binnenvaartbesluit.

 

Artikel 2 van het Binnenvaartbesluit:
  1. Bij bedrijfsmatig vervoer van goederen of personen tussen twee plaatsen aan de binnenwateren, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Herziene Rijnvaartakte, is het schip voorzien van een Rijnvaartverklaring.
  2. Bij bedrijfsmatig vervoer van goederen of personen dat niet plaatsvindt tussen twee plaatsen als bedoeld in het eerste lid, is het schip voorzien van:
    1. een Rijnvaartverklaring;
    2. een bewijs van toelating; of
    3. een door Onze Minister aangewezen geëigend document van de bevoegde autoriteit van een andere Lidstaat van de Europese Gemeenschappen of van een van de overige staten, die partij zijn bij de Overeenkomt betreffende de Europese Economische Ruimte.
  3. Het tweede lid is van toepassing op:
    1. een schip met een lengte van ten minste 20 meter of;
    2. een schip waarvoor het product van lengte, breedte en diepgang in meters ten minste 100m3 bedraagt.

Dit betekent dat een veerpont die vaart op ‘aktewateren’ conform lid 1 een Rijnvaartverklaring moet hebben en de overige veerponten, als ze voldoen aan lid 3 (en dat doen veel ponten) aan lid 2 moeten voldoen.

 

Handhaving

In de Binnenvaartregeling is geregeld dat de Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW) een belangrijke rol heeft inzake de controle op de naleving van de bepalingen in de Binnenvaartwet, -besluit en -regeling. Het KLPD zal zich vanaf 2011 concentreren op strafrechtelijke handhaving bij gevaar voor de openbare orde en bijvoorbeeld aanvaringen.

Zowel wijzigingen van regelgeving als het feit dat andere mensen voor de handhaving verantwoordelijk zijn geworden, maken dat er ogenschijnlijk nieuwe eisen naar voren komen.

Bij de verplichting van de Rijnvaartverklaring voor veerponten zijn er een aantal juridische vragen, zowel bij ons als bij de IVW.

 

Primair vragen we ons af of deze regelgeving (toegang tot de markt) bedoeld was en is voor veerponten. Verder is het zo dat door deze constructie (het in lid 3 van artikel 2 van het Binnenvaartbesluit alleen lid 2 van toepassing verklaren) schepen < 20 m en < 100 m3 onder de regelgeving vallen. Ook hierbij is het de vraag of dit bedoeld en juist is.

 

We hebben aan IVW gevraagd om de handhaving op dit onderwerp voor veerponten op te schorten tot er juridische duidelijkheid is. Van de voortgang houden we u op de hoogte.

 

Voor informatie hoe u aan een Rijnvaartverklaring kunt komen, zie:

Tenslotte over de boete van €1250 die er op zou staan:

Over de vastgestelde hoogtes van de boetes heeft het CBRB haar leden meerder malen in haar Nieuwsbrief geïnformeerd. In dit geval zie:

5 lid 1 BVW jo. 2

lid 1 BVB

Bedrijfsmatig vervoer van goederen of personen verrichten zonder dat het schip voorzien is van een (geldige) Rijnvaartverklaring

1.250 euro

BVW 2.0.001 R

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven


Belangrijke wijzigingen Binnenvaartregeling

Op 30 september is een wijziging van de Binnenvaartregeling in de Staatscourant gepubliceerd: zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2011-17433.html. Met dit artikel willen we u informeren over twee van de wijzigingen.

 

Nieuwe bepalingen om overboord vallen te voorkomen

De wijziging van de Binnenvaartregeling is in de eerste plaats om door de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) www.ccr-zkr.org/ aangenomen besluiten te implementeren. Eén van de besluiten is nieuwe bepalingen om overboord vallen te voorkomen. U bent hier eerder uitvoerig over geïnformeerd, zie een eerder in de CBRB Nieuwsbrief geplaatst artikel.

Het besluit is aangenomen als voorschrift van tijdelijke aard voor de duur van 3 jaar. Na 3 jaar moet de CCR actief besluiten om de werkingsduur van deze voorschriften al dan niet te verlengen. Deze tijd zal worden benut om het aantal ongevallen en verdrinkingen te monitoren en te bezien in hoeverre het aanbrengen van relingen daadwerkelijk een vermindering van het aantal ongevallen tot gevolg heeft gehad.

In de publicatie in de Staatcourant zijn bij onderdeel G de verschillende voorschriften ter voorkoming van het vallen aan boord en het verdrinken te lezen. Deze zien met name op de aanwezigheid en uitvoering van relingen toe. Deze regelgeving zal per 1 december 2011 van kracht zijn voor nieuwe schepen. Vanaf deze datum moet conform artikel 11.02 lid 4 b van het RoSR het teken ‘Zwemvest gebruiken’ aangebracht zijn. Juridisch geldt er voor dit artikel een overgangstermijn tot 2020.

 

Het plaatsen van dit teken is natuurlijk geen doel op zich. Er komt een wijziging van het Rijnvaartpolitiereglement (RPR) waarmee het dragen van een reddingsvest verplicht wordt gesteld. Dit is echter nog niet gepubliceerd. Nu zegt het RPR over de bouw, uitrusting en bemanning van het schip: lexius.nl/rijnvaartpolitiereglement-1995/artikel1.08/lid3 met een verwijzing naar lexius.nl/reglement-onderzoek-schepen-op-de-rijn-1995/artikel10.05/

 

Invoering praktijkexamen binnenvaart

Er komt per 1 januari 2012 een geheel nieuw element in de Binnenvaartregeling, te weten de invoering van het praktijkexamen binnenvaart. Hiervoor wordt artikel 7.19a ingevoegd.

Het praktijkexamen zal verdeeld zijn in 4 praktijktoetsen, die met vaste tussenpozen van 45 dagen, op zijn snelst in 1 jaar kunnen worden afgelegd. Als de laatste toets is afgelegd, is er door de kandidaat een jaar vaartijd in de binnenvaart behaald. Om tot de praktijktoetsen te worden toegelaten moet er een aantal opdrachten met goed gevolg zijn afgelegd, die in een portfolio worden aangetekend. De praktijktoetsen nemen gedurende het jaar in complexiteit toe. De afsluitende toets zal uiteindelijk worden afgenomen op een simulator voor de binnenvaart. In de beginfase zal deze laatste toets op een binnenvaartschip, of deels op een binnenvaartschip en deels op een simulator plaatsvinden, omdat een geschikte simulator voor de binnenvaart dan nog niet beschikbaar zal zijn. Als de laatste toets met goed gevolg is afgelegd, krijgt de kandidaat een verklaring praktijkexamen vaartijd. Deze verklaring geeft recht op drie jaar vermindering van de verplichte vaartijd voor het examen voor het groot of het beperkt groot vaarbewijs.

Tezamen met de in het praktijk examenjaar in de binnenvaart verkregen vaartijd beschikt de kandidaat dan over vier jaar vaartijd. In het afleggen van de benodigde theorie-examens voor deze vaarbewijzen, verandert er niets ten opzichte van de huidige situatie. Het is alleen wel zo dat de kandidaat voor alle theorie-examens moet zijn geslaagd, voordat aan de laatste praktijktoets kan worden deelgenomen.

Aan het praktijkexamen kan worden deelgenomen als de leeftijd van 21 jaar is bereikt en er een overeenkomst is gesloten met in eerste instantie een aantal nader aan te wijzen binnenvaartscholen, omdat er een portfolio moet worden opgebouwd.

Het praktijkexamen is bedoeld om de toegang tot de binnenvaart te vergemakkelijken en zo een instrument te bieden om het tekort aan schippers in de binnenvaart mee te helpen oplossen. Het praktijkexamen is vooral geschikt voor zij-instromers, die al enige ervaring in de scheepvaart hebben opgebouwd, bijvoorbeeld in de zeevaart, of de visserij, maar kan ook worden afgelegd door kandidaten die nog geen enkele ervaring in de scheepvaart hebben verkregen. De verwachting is wel dat dergelijke kandidaten langer dan één jaar nodig zullen hebben om de vier praktijktoetsen met goed gevolg af te leggen.

De bestaande mogelijkheid om het beperkt groot vaarbewijs en het groot vaarbewijs door middel van het behalen van drie, respectievelijk vier jaar vaartijd te behalen, blijft gewoon bestaan. Het praktijkexamen biedt dus een extra mogelijkheid, om deze vaartijd op een versnelde manier te verkrijgen, waarbij gecontroleerd, gedurende minimaal een jaar praktijkervaring wordt opgedaan in alle facetten van de binnenvaart die voor het veilig varen met een binnenvaartschip vereist zijn, en waarvoor het bezit van een groot vaarbewijs, of een beperkt groot vaarbewijs noodzakelijk is.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven


Inventarisatie verbeterpunten informatie-uitwisseling met overheidspartijen vanuit de binnenvaart

In opdracht van Connekt, in het kader van het programma Impuls Dynamisch Verkeersmanagement Vaarwegen, gaan Bureau Telematica Binnenvaart (BTB), CBRB, Kantoor Binnenvaart en Schuttevaer gezamenlijk een inventarisatie houden van verbeterpunten voor de informatie-uitwisseling - in de breedste zin van het woord - tussen overheden en de binnenvaart. Belangrijk motief om hier iets aan te doen is het streven naar administratieve lastenverlichting waarmee de efficiency en de concurrentiepositie van de sector kan worden versterkt.

 

De binnenvaart komt op allerlei manieren en om allerlei redenen met de overheid in aanraking. Bijvoorbeeld ten behoeve van inspectie (certificaten van het schip) of handhaving (vaar- en rusttijdenboek), maar ook is er contact met overheden over het varen, het gebruik en de inname van lig- en wachtplaatsen, het schutten, kortom het gebruik van de vaarweg. Op dergelijke momenten voelt het bedrijfsleven de druk voor het leveren van informatie aan de overheid. Hoe en waar kan dit proces verbeterd worden?

 

De meerwaarde van dit onderzoek is dat de ideeën en voorstellen voor verbetering vooral vanuit de praktijk van de binnenvaart moeten komen; anders gezegd vanaf de ‘werkvloer’.

 

De inventarisatie gaat begin december van start en heeft een doorlooptijd van naar verwachting ongeveer een half jaar.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


CBRB gaat strategische samenwerking met Graydon aan

CBRBHet is slecht gesteld met de huidige betalingsmoraal in Nederland. In het derde kwartaal van 2011 krijgt 40% van de bedrijven in de transport- en logistiekbranche niet op tijd haar rekeningen betaald. Een serieus probleem waar veel bedrijven, vaak onbewust, grote problemen van ondervinden.

Te laat betaald krijgen kost bedrijven handenvol geld. Iedere euro die vastzit in achterstallige facturen, is een gemiste investering en belemmert de groei in de branche. Gemiddeld wordt de gangbare betalingstermijn van 30 dagen met 16 dagen overschreden, waarbij overschrijding van twee maanden of langer geen uitzondering is. In het ergste geval is een ondernemer daardoor niet meer in staat om zijn rekeningen te betalen en moet noodgedwongen faillissement aanvragen.

logo_graydonDaarom is CBRB een samenwerking aangegaan met Graydon, een partner met meer dan 120 jaar ervaring op het gebied van bedrijfsinformatie en incasso. Leden krijgen met Graydon Bedrijfsinformatie, een kredietadvies over (potentiële) relaties. Hier wordt in één oogopslag duidelijk wat de kans op wanbetaling is. Zo kan eenvoudig worden bepaald met wie en onder welke voorwaarden men zaken gaat doen. Dit zorgt voor een verbeterde cashflow, financiële risicobeheersing en het verkorten van de betaaltermijn. Mócht een bedrijf onverwacht toch te maken krijgen met wanbetalers, dan helpt Graydon met het nationale- en internationale incassotraject. Voor CBRB-leden rekent Graydon geen kosten voor het nationale minnelijk incassotraject.76% van de vorderingen int Graydon in het minnelijk traject.

Meer informatie over deze aanbieding.

Naar boven


Nieuwe URL voor de Integrale Security Toolkit

In de Nieuwsbrieven van augustus en oktober 2011 hebben wij u geïnformeerd over de lancering van de Integrale Security Toolkit voor de logistieke keten. Deze Toolkit is ontwikkeld in opdracht van de organisaties FENEX, ACN, CBRB, ORAM, TLN, KNV, Port of Rotterdam en EVO.

 

De Integrale Security Toolkit voor de logistieke keten is een online tool die de barge operator / inland terminal middels een self-assessment assisteert bij het in kaart brengen van en het voldoen aan de eisen die de wet stelt op gebied van veiligheid. De beveiligingsplannen voor barge operators en inland terminals, die in 2008 – 2009 zijn ontwikkeld in het kader van het project “De containerbinnenvaart als secure lane”, vormen de basis voor het onderdeel binnenvaart in de Integrale Security Toolkit.

 

De Toolkit was tot dusver toegankelijk via de website van de EVO, maar heeft inmiddels een eigen URL: www.integralesecuritytoolkit.nl

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Consumentenprijsindex / loontabellen

loontabellenHet Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft de consumentenprijsindex (CPI) van de maand oktober 2011 bekendgemaakt. De afgeleide CPI voor alle huishoudens (2006=100) is in de periode van april tot oktober 2011 gestegen van 108,43 naar 108,89; de stijging bedraagt derhalve 0,42 procent.

Dit stijgingspercentage wordt veelal in het kader van (collectieve) arbeidsovereenkomsten gehanteerd als inflatiecorrectie per 1 januari 2012.

Als de inflatiecorrectie niet halfjaarlijks, maar jaarlijks plaatsvindt wordt het stijgingspercentage berekend over de periode van oktober 2010 tot oktober 2011; over die periode is de afgeleide CPI voor alle huishoudens gestegen van 106,41 naar 108,89, derhalve met 2,33 procent.

 

Nieuwe loontabellen, waarin deze prijsstijging is verwerkt kunt u vinden op onze website.

 

Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met de heer mr. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


CDNI-verdrag – Ontgassen VOS (Vluchtige organische stoffen)

Zoals u ongetwijfeld weet kent het CDNI-Verdrag alleen bepalingen voor de omgang met ladingsrestanten in een vaste of vloeibare aggregatietoestand. In veel gevallen kan er een lossing overeenkomstig Deel B van de uitvoeringsregeling hebben plaatsgevonden, terwijl er in het Verdrag nergens gerefereerd wordt naar de gasvormige ladingsrestanten die wijze verwijderd moeten zijn, zodat er voldaan kan worden aan de vereisten voor compatibiliteit met de volgende lading. Het is echter duidelijk dat een relatief grote hoeveelheid van de getransporteerde goederen tot het ontstaan van gasvormige ladingsrestanten aanleiding geven, die bovendien een aanzienlijke schade aan het milieu kunnen berokkenen wanneer zij in de atmosfeer worden afgegeven. De maatschappelijke en politieke druk om het ontgassen van vluchtige organische stoffen te reduceren nemen van alle kanten toe. De Partij Voor de Vrijheid (PVV) heeft in de Tweede Kamer vragen gesteld alsmede de Socialistische Partij (SP) in de Gemeenteraad van Rotterdam. Het CBRB heeft reeds in 2004 echter ook daarna de overheid gevraagd om het aspect ladingdampen formeel te regelen in het CDNI verdrag deel B. De overheid is zich nu internationaal aan het positioneren om dit te doen.

 

Redenen voor de Europese Binnenvaart Unie (EBU) (Leden zijn o.a. Bundesverband der Deutschen Binnenschiffahrt – BDB, Unie der Continentale Vaart – UcV, Schweizerische Vereinigung für Schifffahrt und Hafenwirtschaft – SVS, etc.) om dit onderwerp op het werkprogramma 2012 te zetten om mogelijk de hoeveelheid van het ontgassen te reduceren. Een algemeen ontgassingsverbod en een regelmatige afgifte van gasvormige ladingsrestanten zullen aanzienlijke logistieke, operationele en financiële consequenties met zich mee kunnen brengen terwijl er met het vervaardigen van een breed geaccepteerde compatibiliteitslijst, dergelijke lijst of wellicht praktijkrichtlijn gemaakt zou kunnen worden door experts van o.a. CEFIC, EBU, FETSA en EUROPIA. Met dergelijk initiatief zullen we wellicht aanstaande wet- en regelgeving, welke op korte termijn besproken zullen worden op de juiste wijze begeleiden. Ik refereer hier ook naar de positieve gang van zaken rondom het proces om de MTBE/ETBE emissies te reduceren. De praktijkrichtlijn welke rondom dit onderwerp is opgesteld treft u hier aan.

 

De EBU heeft FETSA, EUROPIA en CEFIC uitgenodigd om deel te nemen aan een eerste oriënterende bijeenkomst later dit jaar om het nut en noodzaak van dergelijk initiatief te formuleren. Een mogelijke uitkomst kan zijn dat er daarna een gezamenlijke werkgroep samengesteld wordt om een mogelijke praktijkrichtlijn uit te werken.

 

Onlangs heeft de heer Gerrit Bedet namens het CBRB op de Binnenschifffahrt Gefahrguttage over dit onderwerp gesproken zodat ook de praktische aspecten belicht zouden worden aangezien de overheid ook haar visie kon geven op dit congres.

 

Als achtergronddocument refereren we tevens naar het onderzoeksrapport
'Emission Measurements of Volatile Organic Compounds with the SOF- method
in the Rotterdam Harbor 2008'
.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Presentatie onderzoek economisch belang passagiersvaart op 15 december 2011

De Erasmus Universiteit heeft de afgelopen maanden, in opdracht van het CBRB, een onderzoek uitgevoerd naar het economisch belang van de passagiersvaart. Dit onderzoek is inmiddels afgerond.
De resultaten van het onderzoek zullen officieel aan de buitenwereld gepresenteerd worden op donderdag 15 december 2011 van 13:00 – 15:00 uur, aan boord van mps. “Merlina” in Spijkenisse.
Meer informatie over het programma en het aanmeldformulier is te vinden via www.cbrb.nl/economischbelangpassagiersvaart.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


CBRB betrokken bij "Ketenoptimalisatie Containerbinnenvaart"

LINC, het samenwerkingsverband van de Vereniging van Inland Terminal Operators VITO en de CBRB-ledengroep Container Operators, heeft het initiatief genomen om, samen met de andere stakeholders in de logistieke keten van de containerbinnenvaart (deepseaterminals, rederijen), en gefaciliteerd door het Havenbedrijf Rotterdam en het Ministerie van I&M, het project "Ketenoptimalisatie Containerbinnenvaart" op te zetten.

De huidige ontwikkelingen en het verwachte aandeel van de binnenvaart in de modal split (45% van alle containers van/naar het achterland via de binnenvaart) vereisen dat het afhandelingsproces van de containerbinnenvaart verbeterd wordt. De containerbinnenvaart zal verder geprofessionaliseerd en zelfs geïndustrialiseerd moeten worden. De ‘lopende band’ van de containerbinnenvaart zal ongehinderd moeten kunnen functioneren en zo weinig mogelijk beïnvloed moeten worden door verstoringen in de 'lopende band' op de terminals.

De focus zal op de volgende drie maatregelen komen te liggen:

  • Integrale toewijzing terminals slots;
  • Bundelen van stromen; en
  • Meten en informatie-uitwisseling

De komende tijd zullen werkgroepen aan de slag gaan om deze drie maatregelen in meer detail uit te werken.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Negatieve uitspraak CBP inzake klacht branche over AIS

Het Bureau Telematica Binnenvaart (BTB) heeft namens CBRB, Schuttevaer en Kantoor Binnenvaart, het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) verzocht om maatregelen te treffen waarmee online publicatie van AIS-gegevens wordt voorkomen, dan wel te bewerkstelligen dat publicatie van deze gegevens alleen plaatsvindt na toestemming van de verzender van de AIS-informatie.

 

Websites als marinetraffic.com en aislive.com zijn zeer populair, ook binnen de binnenvaart. Dat laat echter onverlet dat het verspreiden van de AIS-gegevens van schepen niet toegestaan en dus illegaal is. Voor deze doeleinden is AIS niet ingevoerd! Hoewel diverse mensen in de binnenvaart er geen bezwaar tegen hebben en het zelfs leuk vinden dat hun schip te zien is op dergelijke sites, zijn er ook diverse mensen die er wél bezwaar tegen hebben dat hun AIS-gegevens op deze manier gepubliceerd hebben. Zij zouden in elk geval de mogelijkheid moeten hebben om toestemming te weigeren.

 

Inmiddels heeft het CBP als volgt op dit verzoek gereageerd:

Het CBP is in veel gevallen niet bevoegd om op te treden omdat het merendeel van de genoemde websites in het buitenland is gevestigd. “Uit initieel bureauonderzoek blijkt dat er ten aanzien van de overige websites geen of onvoldoende sprake is van concrete aanwijzingen voor een actuele overtreding,” aldus het CBP. Het CBP concludeert daarom dat er onvoldoende aanleiding is tot inzet van “bestuursrechtelijke handhavingsinstrumenten”.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Publicatie "Eignung der Binnenwasserstraßen für den Containertransport"

De VBW (Verein für europäische Binnenschifffahrt und Wasserstraßen e.V.) heeft onlangs een herziene versie van hun publicatie "Eignung der Binnenwasserstraßen für den Containertransport" (uit 1991) uitgegeven.

 

Klik HIER voor het persbericht en HIER voor enige nadere informatie over deze publicatie. De publicatie zelf is te downloaden via www.vbw-ev.de (let op: deze publicatie is 9 MB groot!).

 

 

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

 

Naar boven


Uitkomst controle containervervoer gevaarlijke stoffen binnenvaart

Persbericht Inspectie Verkeer en Waterstaat

De Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW), Rijkswaterstaat (RWS) en het Korps landelijke politiediensten (KLPD) hebben bij de handhavingsactie eind oktober jl. in de containerbinnenvaart op de corridor Rotterdam-Antwerpen weinig overtredingen aangetroffen. Uit het zogenoemde Informatie en Volgsysteem (IVS) heeft de inspectie 25 schepen geselecteerd waarbij de verplichte melding van gevaarlijke stoffen met de feitelijke lading aan boord van het schip werden vergeleken. De handhavingsdiensten hebben uiteindelijk 10 schepen bezocht en varend geïnspecteerd. Dit gebeurde vanaf patrouillevaartuigen van het KLPD en RWS. Het aantal containerschepen dat het Schelde-Rijnkanaal tijdens de tweedaagse handhavingsactie passeerde, was opvallend laag. Ook werden er veel lege containers vervoerd. Tijdens de handhavingsactie heeft de IVW een schip van een convenantpartner ongehinderd laten doorvaren.

 

Bij slechts één van de 10 fysiek gecontroleerde schepen constateerde de Inspectie overtredingen. Bij dit schip klopte de ladingdocumentatie niet van een container met gevaarlijke stoffen, zodat bij calamiteitenhulpverleners niet weten welke lading aan boord is. Ook was er een aanwezige afvalcontainer niet gemeld. Deze container is in Antwerpen in samenwerking met de lokale autoriteiten na lossing verder geïnspecteerd. Uit dit onderzoek bleek dat de afvalcontainer volgens de regels werd vervoerd. De gezamenlijke diensten controleerden tijdens de actie op de aanwezigheid van de voorgeschreven ladinginformatie bij het vervoer van gevaarlijke stoffen en afvalstoffen. Tevens werd gecontroleerd of de schippers de verplichte meldingen aan het IVS hebben gedaan. Schepen met gevaarlijke stoffen zijn verplicht te melden welke lading gevaarlijke stoffen aan boord is.

Naar boven


EBU ad-hoc werkgroep Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM) van start gegaan

Op 8 november jl. is de Europese Binnenvaart Unie (EBU), waar het CBRB namens Nederland deel van uitmaakt, in een ad-hoc werkgroep Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM) bij elkaar gekomen. Doel van deze werkgroep is de mogelijkheden te bekijken voor een promotiecampagne voor het dragen van PBM om de arbeidsveiligheid beter te kunnen garanderen in de binnenvaart.

 

Er zijn de afgelopen tijd enkele arbeidsongevallen in de binnenvaart naar voren gekomen, die een relatie hadden met het dragen van PBM (denk bijvoorbeeld aan helm, veiligheidsbril, overall, veiligheidsschoenen en gelaatsmasker). De werkgroep wil graag de achterliggende gedachte van het dragen van PBM benadrukken. Zo moet er een antwoord komen op de vraag: waarom een bepaalde PBM op een bepaald moment of op een bepaalde plaats van belang is en wat de gevolgen kunnen zijn. Om de risico’s op zowel lichte als zware arbeidsongevallen bij werknemers te verminderen is het van groot belang dat er voldoende aandacht gaat naar de voorlichting van deze veiligheidsmaatregelen.

De werkgroep zal binnenkort weer bij elkaar komen om te spreken over de mogelijke financiering voor de promotie van PBM en zal met een plan van aanpak komen, hoe het belang van het dragen van PBM beter gecommuniceerd kan worden naar de werknemers.

 

Mocht u nog goede/aanvullende ideeën hebben over dit onderwerp, kunt u contact opnemen met de heer Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Dossier Walstroom aangemaakt op website CBRB

walstroomDe afgelopen tijd is er talrijke informatie naar buiten gekomen over walstroom, zoals het TU Delft rapport met de kostenanalyse tussen het gebruik van walstroom en generatorstroom, de lijst met meest gestelde gevragen (frequently asked questions) over walstroom en de uitkomst van de walstroom-enquête. Om deze informatie overzichtelijk te houden, heeft het CBRB de informatie over walstroom onder het dossier walstroom gezet, die u hier kunt vinden.

Wanneer er nieuwe informatie beschikbaar komt met betrekking tot walstroom, zullen wij dit aanvullen in het online dossier op onze website.

Voor de laatste informatie en mogelijke antwoorden op uw vragen over walstroom, verwijzen wij u graag naar het online dossier walstroom.

Dossier Walstroom, FAQ Walstroom.

Naar boven


Modificatie binnenvaartligplaatsen Rotterdam

Door het Havenbedrijf Rotterdam zijn we geïnformeerd over een modificatie van een aantal ligplaatsen.
Ligplaatsen in de Welplaathaven, 2e Petroleumhaven en Hartelhaven zullen worden aangepast.
In de Frisohaven vinden vernieuwingen plaats. Hier de presentatie die gegeven is.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven


Inwerkingtreding aanvullend protocol Herziene Rijnvaartakte

De CCR heeft ons medegedeeld dat het zesde aanvullende protocol op de Herziene Rijnvaartakte op 1 november jl. in werking is getreden. De inhoud van deze aanvulling was al in 1999 afgesproken. Destijds was afgesproken dat het Protocol in werking zou treden op de eerste dag van de maand volgend op de nederlegging van de vijfde akte van bekrachtiging bij het secretariaat van de Centrale Commissie. Met de ratificatie van Frankrijk is dit een feit.

 

Inhoudelijke reden was dat rekening moet worden gehouden met de ontwikkelingen van de strafmaat in de afzonderlijke verdragsstaten. De oude strafmaat in artikel 32 van de Herziene Rijnvaartakte was gedateerd. De nieuwe tekst luidt: Overtreding van de gemeenschappelijk door de Regeringen der Oeverstaten voor de Rijn vastgestelde politievoorschriften inzake de scheepvaart wordt gestraft met een boete ter waarde van ten hoogste 25.000 euro of hun tegenwaarde in de nationale munteenheid van de Staat wiens bestuurlijke autoriteit de straf oplegt of aan wiens rechter de zaak wordt voorgelegd.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven


Bevoegdheden toezichthouders DHMR

Naar aanleiding van vragen over bevoegdheden van medewerkers van de Divisie Havenmeester (DHMR) ontvingen we van DHMR een uitleg hoe het zit.

 

Alle scheepvaartmeesters DHMR zijn toezichthouder voor de Scheepvaartverkeerswet en de voorschriften bij of krachtens deze wet, zoals onder meer het BPR. Dit betekent dat zij de bevoegdheid hebben controles uit te voeren op de naleving van de bepalingen van voornoemde voorschriften. Hierbij hebben zij verregaande toezichthoudende bevoegdheden gekregen genoemd in de Algemene Wet Bestuursrecht.

Tot 1 oktober 2011 waren alle scheepvaartmeesters tevens buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA). Na 1 oktober 2011 zijn alleen de scheepvaartmeesters A en B DHMR nog buitengewoon opsporingsambtenaar. Dit betekent dat zij opsporingsbevoegdheid hebben voor alle wetten die genoemd zijn in Domein II, zie hiertoe de circulaire voor BOA.

Hierin staat onder andere ook de scheepvaartverkeerswet, met daaraan gekoppeld alle voorschriften bij of krachtens deze wet.

 

De scheepvaartverkeerswet kent bepalingen aangaande het gebruik van alcohol. Daar waar het overtreden van alcoholbepalingen betreft zijn de scheepvaartmeesters dus volledig bevoegd tot het opsporen van deze strafbare feiten.

Dit betekent concreet dat zij hun opsporingsbevoegdheden (staande, aanhouden en voorgeleiden) al bij een "redelijk vermoeden" van het overtreden van deze bepaling in deze kunnen toepassen. Er is echter een beperking. De scheepvaartmeesters kunnen wel alle zogenaamde redenen van wetenschap vastleggen bij proces-verbaal maar kunnen niet "laten blazen". Hier zijn de scheepvaartmeesters niet toe bevoegd en zal de komst van de Politie moeten worden afgewacht. Bij dergelijke constateringen kunnen de scheepvaartmeesters dus wel optreden en bevoegdheden toepassen zoals "staande houden" en indien nodig zelfs "aanhouden" en voorgeleiden.

Vervolgens worden hun bevindingen bij proces-verbaal vastgelegd en de zaak over te dragen aan de politie, die voor verdere afhandeling zorg zal dragen.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven


Nieuwe website CCR

De website van de CCR (www.ccr-zkr.org/) is vernieuwd. Voor geïnteresseerden is diverse informatie toegankelijk. Bijvoorbeeld over de geschiedenis en de rechtsgrondslag van de CCR.

 

Op grond van de Akte van Mannheim heeft de CCR tot taak alles in het werk te stellen om de vrije scheepvaart op de Rijn te waarborgen en de Rijnvaart te bevorderen. In de bijna 200 jaar dat zij bestaat, heeft de CCR op verschillende manieren invulling gegeven aan deze doelstellingen

 

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Naar boven


"Zee- en binnenvaart: stap over op Liquified Natural Gas"

Europarlementariër Peter van Dalen (ChristenUnie) wil dat de zee- en binnenvaart gaan onderzoeken hoe zij kunnen overstappen op het gebruik van LNG (Liquified Natural Gas) als brandstof. Dat heeft de Europarlementariër gezegd in het Europees Parlement op de door hem georganiseerde bijeenkomst 'Alternative fuels for maritime sector'. Van Dalen: "Ook de maritieme sector moet zijn milieuprestatie verbeteren. Vooral de huidige brandstof van zee- en binnenvaartschepen kan veel schoner. De binnenvaartsector heeft al veel onderzoek gedaan naar het gebruik van LNG als brandstof. De resultaten daarvan zijn zeer positief. De binnenvaartschepen moet daarom de overstap gaan maken naar LNG. Vergelijk maar met de zeevaart: er varen nu al 22 zeeschepen op LNG in Europa en er zijn er nog eens 20 in aanbouw."

 

Uit onderzoek is gebleken dat het vervangen van diesel door LNG als brandstof voor de binnenvaart leidt tot 25 procent minder CO2 en tot 90% minder stikstof, fijnstof en roet. Van Dalen is onder de indruk van die resultaten: "Het gebruik van LNG is echt een stap naar schoner Europees vervoer. Daarom moeten Europa en de lidstaten het gebruik van LNG in de maritieme transportsector bevorderen. Eerst en vooral moet LNG wettelijk worden toegestaan als maritieme brandstof. Op dit moment mogen schepen nog niet op LNG varen tenzij zij een ontheffing krijgen van de Inspectie Verkeer & Waterstaat. Dat is te omslachtig. Daarnaast moeten lidstaten het gebruik van LNG in de zee- en binnenvaart stimuleren door investerende ondernemers fiscaal te compenseren", aldus Van Dalen.

 

Van Dalen roept ook bunkerstations op te investeren in LNG-tanks. "LNG kan nooit dé brandstof van de maritieme sector worden als er niet voldoende bunkerlocaties zijn. Binnenvaartondernemers en brandstofleveranciers moeten daarom de handen ineen slaan om gezamenlijk te investeren in LNG. Schepen moeten geschikt worden gemaakt voor LNG en tegelijk moeten er tanks voor LNG komen bij de bunkerstations."

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de voorlichter van de ChristenUnie in het Europees Parlement, Maurits van Stuijvenberg, 06 - 5224 4464 of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Graag uw input - enquête kostenontwikkelingen binnenvaart

Al geruime tijd werken het CBRB en NEA nauw samen in het opstellen van de rapportages over de kostenontwikkelingen in binnenvaart. Gezien het belang van een continuering van dergelijke cijfers op termijn zal het NEA de ontwikkelingen van de kosten over het jaar 2011 en de raming voor 2012 weer in kaart brengen. Hiervoor heeft NEA gegevens nodig uit de praktijk en daarom vragen we uw medewerking. Mede met behulp van uw inbreng zal NEA de kostenontwikkeling van het vervoer van goederen via de binnenvaart vaststellen.

 

In de volgende korte enquête van circa 4 minuten worden enkele vragen gesteld over de ontwikkeling van kosten zoals u die meemaakt in de praktijk. Uw antwoorden worden vertrouwelijk behandeld en anoniem verwerkt.

Via de volgende link komt u op de website waar de internet enquête staat: panteia.socratos.net/direct/CBRB2011

 

Tot en met 4 december 2011 bent u in de gelegenheid om uw inbreng te geven aan dit onderzoek. We stellen uw medewerking zeer op prijs!

 

De resultaten van dit onderzoek zullen begin januari 2012 via het CBRB beschikbaar komen.

Naar boven


Ledenadministratie en wervingsactie

Nog niet alle leden van het CBRB die als werkgever zijn aangesloten bij het Bedrijfspensioenfonds voor de Rijn- en Binnenvaart (Bpf) hebben hun aansluitnummers opgegeven ten behoeve van onze ledenadministratie. De leden in de sector goederenvervoer waarvan wij nog niets vernomen hebben worden momenteel telefonisch benaderd. Als u nog niet gereageerd heeft willen wij u graag dringend verzoeken de gevraagde gegevens in te vullen op de speciaal hiervoor beschikbare website: www.cbrb.nl/bpf.

 

De wervingsactie onder ongeorganiseerde werkgevers heeft al ruim 20 nieuwe leden opgeleverd.

Beide acties worden gecoördineerd met Kantoor Binnenvaart (KB) en moeten de representativiteit van de werkgeversorganisaties in de binnenvaart aantoonbaar maken. Het doel is per 31 december een representativiteit van tenminste 55 procent te kunnen aantonen. Op basis van de tot nu toe ontvangen aansluitnummers komen CBRB en KB gezamenlijk echter nog niet verder dan 37,6 procent. Er is dus nog veel werk aan de winkel!

 

Inmiddels hebben wij ook een aantal in de binnenvaart gespecialiseerde administratiekantoren gevraagd onze wervingsactie onder de aandacht van hun cliënten te brengen. Mocht u nog potentieel geïnteresseerde werkgevers kennen, dan houden wij ons aanbevolen! Reacties op de wervingsactie ontvangen wij graag via de link www.binnenvaart.nl/wervingsactie2011.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer mr. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


CBRB agenda

Voor vergaderingen, bijeenkomsten of bijzondere sluitingstijden van het Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart kunt u de agenda op onze website raadplegen.

Naar boven

Ga naar boven