Nieuwsbrief 2011 - 10

In dit nummer:

  1. Ledenadministratie werkgevers
  2. Scheepvaartstremming vanwege functioneringssluiting stormvloedkeringen 2011
  3. Jaardiner
  4. Dubbel voordeel door LNG in dual fuel op dieselschepen
  5. Overhandiging petitie “Betalen voor SAV OK, teveel betalen NO WAY” door T. Muller
  6. Stabiliteit in containerschepen
  7. Vervolg van NAIADES-actieprogramma
  8. Keuring / certifcicering passagiersschepen, aanvulling
  9. Veiligheid in de logistieke keten: Lancering Integrale Security Toolkit
  10. Gestandaardiseerde toets na de ADN-herhalingscursus
  11. Syntens Innovatie Quick Scan IQS
  12. Betreden van besloten ruimten – nog geen harmonisatie Europese wetgeving
  13. EFOA-Code of Best Practice / stand van zaken
  14. Asbest en scheepswerven voor de binnenvaart
  15. Praktijkexamen spoedig van start
  16. Proeftuin Maritieme Innovatie
  17. Handelsreis Seine-Nord 7 t/m 9 november 2011
  18. Riverdating 7 – 8 december 2011 in Parijs
  19. Nieuwe leden
  20. CBRB agenda

Ledenadministratie werkgevers

Het CBRB heeft de werkgevers onder haar leden gevraagd hun aansluitnummers bij het Bedrijfspensioenfonds voor de Rijn- en Binnenvaart (Bpf) op te geven, zodat deze in de ledenadministratie kunnen worden opgenomen. Ongeveer een derde van de betreffende leden heeft tot nu toe gereageerd, waarvoor dank!

Inmiddels is ook Kantoor Binnenvaart (KB) begonnen met het verzamelen van de betreffende gegevens. De bedoeling is dat CBRB en KB zo snel mogelijk gezamenlijk een representativiteit van tenminste 55 procent kunnen aantonen. Dit is noodzakelijk om, namens de werkgevers in de binnenvaart, een algemeen verbindende bedrijfstak-CAO, een verplicht gestelde pensioenregeling en een opleidings- en ontwikkelingsfonds in stand te kunnen houden.

Heeft u nog niet op ons verzoek gereageerd? Dan brengen wij het graag nogmaals onder uw aandacht. U kunt de gevraagde gegevens invullen op een speciale website: www.cbrb.nl/bpf.
Mocht u vragen hebben, aarzelt u dan niet ons te bellen. Wij danken u bij voorbaat voor uw medewerking.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer mr. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Scheepvaartstremming vanwege functioneringssluiting stormvloedkeringen 2011

Op zaterdag 24 september 2011 zal een functioneringssluiting van de stormvloedkeringen in de Nieuwe Waterweg en het Hartelkanaal plaatsvinden. Rijkswaterstaat dient, als beheerder, regelmatig het gehele systeem van mens en machine op functionaliteit te beproeven.
Om het computersysteem te kunnen testen is het noodzakelijk beide stormvloedkeringen tegelijkertijd te sluiten.

Benadrukt wordt dat er tijdens de stremming ter hoogte van de stormvloedkering in de Nieuwe Waterweg gedurende circa 18 uur geen doorvaart mogelijk is. Genoemde stremming loopt van zaterdag 24 september as. vanaf circa 06:20 uur tot zondag 25 september as. omstreeks 00:40 uur.
Op zaterdag 24 september as. is er op het Hartelkanaal vanaf circa 07:10 uur tot circa 17:40 uur (10 ½ uur) geen doorvaart mogelijk ter hoogte van de Hartelkering. De Hartelsluis zal vanaf 03:20 uur tot 17:40 uur gestremd zijn.
Indien door onvoorziene omstandigheden deze functioneringssluiting niet kan plaatsvinden, zal deze een week later plaatsvinden. Data en tijden staan in onderstaande Bekendmaking aan de Scheepvaart nr. 079/2011 vermeld.

BEKENDMAKING AAN DE SCHEEPVAART
Nr. 079/2011
Rotterdam Nieuwe Waterweg / Hartelkanaal
Functioneringssluiting stormvloedkeringen Nieuwe Waterweg en Hartelkanaal

TOTALE STREMMING DOORGAAND SCHEEPVAARTVERKEER

  1. Op zaterdag 24 september 2011 en zondag 25 september 2011 zal er in verband met de jaarlijkse functioneringssluiting van de stormvloedkeringen in de Nieuwe Waterweg en in het Hartelkanaal, tijdelijk een totale stremming van het doorgaande scheepvaartverkeer op de Nieuwe Waterweg en het Hartelkanaal van kracht zijn.
  2. Tevens is het verboden voor schepen en objecten om zich binnen een afstand van 300 m aan weerszijden van de beide keringen te bevinden.
    N.B. Het scheepvaartverkeer komende vanuit zee met bestemming Caland- en/of Beer-kanaal kan gewoon voortgang vinden.
    De doorvaart ter hoogte van de stormvloedkering in de Nieuwe Waterweg zal zijn gestremd van:
    Zaterdag 24 september 2011 van circa 06:20 uur tot zondag 25 september circa 00:40 uur, of zoveel korter als mogelijk of langer indien noodzakelijk.
    De doorvaart ter hoogte van de stormvloedkering in het Hartelkanaal zal zijn gestremd van:
    Zaterdag 24 september van circa 07:10 uur tot circa 17:40, of zoveel korter als mogelijk of langer indien noodzakelijk. De Hartelsluis kan vanaf 03:20 uur tot 17:40 niet worden gebruikt.
  3. Indien door onvoorziene omstandigheden de geplande sluiting moet worden uitgesteld zal vervolgens de totale stremming ter hoogte van de stormvloedkering in de Nieuwe Waterweg worden verschoven naar zaterdag 1 oktober 2011 van 11:40 uur tot zondag 2 oktober 2011 circa 06:10 uur en ter hoogte van de stormvloedkering in het Hartelkanaal naar zaterdag 1 oktober 2011 van circa 12:40 uur tot 23:10 uur, of zoveel korter als mogelijk of langer indien noodzakelijk. Op 1 oktober 2011 kan de Hartelsluis vanaf 08:50 uur tot 23:10 niet worden gebruikt.
  4. Op genoemde dagen zal het verbod tot doorvaart van de stormvloedkeringen in de Nieuwe Waterweg en het Hartelkanaal, middels seinvoering conform het BPR, worden aangeduid en getoond aan weerszijden van beide keringen en op de keringen zelf.
  5. Verkeersaanwijzingen gegeven door de bevoegde autoriteit en/of vanaf de ter plaatse aanwezige patrouillevaartuigen dienen stipt te worden opgevolgd.
  6. De desbetreffende scheepvaart wordt nadrukkelijk verzocht om zich op bovengenoemde data vroegtijdig op de hoogte te stellen van de voortgang en/of enige wijziging van genoemde stremmingsperiode.
  7. Nadere inlichtingen kunnen worden ingewonnen bij: Haven Coordinatie Centrum, de Wachtchef HCC, telefoonnummer: 010 – 252 24 00 of marifoonkanaal 19.

De Havenmeester van Rotterdam
R.J. de Vries, Rijkshavenmeester regio Rotterdam – Rijnmond

Naar boven


Jaardiner

Ledenvergadering van het CBRB
Op donderdag 27 oktober a.s. vindt de 82ste ledenvergadering van het CBRB plaats.
Het thema is “Naar één logistiek netwerk”
De vergadering zal plaatsvinden in het Van der Valk Hotel te Ridderkerk.
Ook dit jaar zal de algemene ledenverging in de vorm van een diner plaatsvinden; “het CBRB binnenvaartdiner 2011”.

Wij verzoeken leden en genodigden zich via: www.cbrb.nl/ledenvergadering aan te melden.
Via deze link kunt u eveneens op de hoogte blijven omtrent de 82e Ledenvergadering.
Wij streven ernaar zoveel mogelijk aanmeldingen rond 1 oktober a.s. te mogen ontvangen.
Mocht u hierbij assistentie nodig hebben, belt u dan gerust met ons secretariaat: 010 - 798 98 00.

Uw aanwezigheid wordt zeer op prijs gesteld.

Naar boven


Dubbel voordeel door LNG in dual fuel op dieselschepen

De dual fuel toepassing van LNG op bestaande dieselaandrijvingen is schoner én zuiniger. Daarmee lijkt dit een interessante optie voor partijen die de ontwikkelingen naar meer duurzame binnenvaart willen volgen en tegelijkertijd hun positie in de markt versterken.

De Rotterdamse ondernemersorganisatie Deltalinqs, die partner is in het Rotterdam Climate Initiative, wil een belangrijke impuls geven aan de totstandkoming van duurzaam transport in de Rotterdamse haven. Daarom biedt Deltalinqs de leden van het CBRB een subsidie voor een LNG Quick Scan die de technische en economische haalbaarheid van dual fuel met LNG beoordeelt. Er is in 2011 budget voor vijf geïnteresseerde deelnemers.


Op korte termijn ziet Deltalinqs de toepassing van LNG-aangedreven motoren in de binnenvaart als een van de mogelijke oplossingen voor het emissievraagstuk in de Rotterdamse haven. Een eerste stap kan zijn de toepassing van LNG in dual fuel, waarmee de bestaande dieselaandrijving behouden kan blijven en er met een relatief eenvoudige aanpassing gebruik kan worden gemaakt van de (schone) toepassing van LNG.

Om de eigenaren van binnenvaartschepen snel een indruk te geven of hun schip geschikt is voor dual fuel toepassing en wat de kosten van inbouw zijn, ontwikkelde Deltalinqs een LNG Quick Scan. Er wordt namelijk al veel over de toepassing van LNG gesproken zonder  dat de werkelijke impact op de exploitatie van het schip concreet duidelijk wordt. Met de LNG Quick Scan kan een individuele schipper direct inzicht krijgen in de kosten van investering (inbouw) en exploitatie (brandstofkosten).

De uitvoering van de LNG Quick Scan omvat de volgende activiteiten:

  • intake gesprek met schipper/eigenaar;
  • geschiktheid schip en op locatie inmeten en situatieschets maken;
  • bestaande voortstuwingsinstallatie kwalificeren en documenteren;
  • besprekingen met leverancier voortstuwingsinstallatie en verzekering;
  • onderdelen installatie opvragen bij leveranciers en budgetprijzen opstellen;
  • kosten/baten analyse;
  • toetsing financieel-economische haalbaarheid;
  • emissieberekening;
  • advies mogelijke opstart project;
  • eindrapportage met aanbevelingen en conclusies.

Kotug is één van de Deltalinqsleden waar nadrukkelijk naar de kansen voor duurzame exploitatie gekeken wordt. Een eerste LNG Quick scan is daar onlangs als geslaagde pilot uitgevoerd. De doorlooptijd van een scan bedraagt ca. 4 weken.

De werkzaamheden voor de scan worden namens Deltalinqs uitgevoerd door L. Schipper van Schipco BV. De kosten voor de uitvoering van de scan bedragen € 7.500,- en met de bijdrage vanuit het Rotterdam Climate Initiative kan Deltalinqs de leden van het CBRB deze scan aanbieden voor 1/3 van de kosten, zijnde € 2.500,-. per scan.

Meer informatie kunt u contact opnemen met de heer Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. en/of de heer ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Overhandiging petitie “Betalen voor het SAV OK, teveel betalen NO WAY” door Teun Muller

Op 9 augustus overhandigde Teun Muller, vicevoorzitter van het CBRB, een petitie aan directeur Maritieme zaken Rob Huyser van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Hij deed dit mede namens Kantoor Binnenvaart en de Vereniging van Waterbouwers. Met deze petitie "Betalen voor het Scheepsafvalstoffenverdrag OK, teveel betalen NO WAY” vragen de organisaties aandacht voor de hoogte van de verwijderingsbijdrage in relatie tot werkelijke afvalproductie en de (in)transparantie van de kosten. De overheid zal nu gaan onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om het huidige  betalingssysteem (internationaal) transparanter te maken. Verder zal er gekeken worden naar een eventueel alternatief voor de huidige verwijderingsbijdrage, die gebaseerd is op de hoeveelheid gasolie die gebunkerd wordt om het principe de vervuiler betaalt recht te doen. Het CBRB heeft, zoals u wellicht weet, al deels onderzoek gedaan naar mogelijke alternatieven voor de huidige verwijderingsbijdrage.

Deze korte film hieronder illustreert de huidige ontevredenheid bij vele binnenvaartondernemers tijdens de overhandiging van de petitie.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Stabiliteit in containerschepen

De International Maritime Organisation (IMO) heeft ingestemd om na te gaan hoe om te gaan met het probleem van de gewichten van containers. Tijdens een bijeenkomst van de MSC (Maritime Safety Committee) eind mei 2011 is een gezamenlijk voorstel van Nederland, Denemarken en Australie besproken waarin de misstanden zijn formuleerd en verbeterpunten om de stabiliteit en stuwage te verbeteren. Deze waren op hun beurt weer gebaseerd op een onderzoeksproject genaamd "Las-hing@Sea". Hierin wordt melding gemaakt van 10.000 beschadigde containers waarvan 3.000 tot 4.000 overboord verdwijnen (geschatte schade USD 500 - 700 mln excl. berging/schoonmaakkosten). Een ander argument dat in het (project)voorstel genoemd wordt is het ongeval met de MSC Napoli van begin 2007 waar het gewicht van circa 20 procent van de containers met meer dan 3 ton verschilde van het opgegeven percentage. Het (project)voorstel omvat een viertal zaken.

  1. Wijzigingen SOLAS waardoor de verplichting voor verladers scherper zal worden gedefi-nieerd om de gewichten van de containers te verifiëren.
  2. Opzetten richtlijnen voor de juiste stuwage en verticale gewichtverdeling.
  3. Harmonisatie van stuwage waarbij wind, zeegang en acceleraties (achterdek) meegenomen worden. (De stacks bovenop verbinden met interlocks zou veel meer stabiliteit geven, maar het aanbrengen en weghalen van die interlocks mag niet meer in alle landen)
  4. Stabiliteitsapparatuur en richtlijnen voor de bemanning t.b.v. extreme GM curve.

De World Shipping Council (WSC) en de  International Chamber of Shipping (ICS) waarbij naar verluidt 90% van de zee containerrederijen zijn aangesloten verwelkomen het besluit en gaven aan dat het besluit van de IMO levens zal besparen, ladingschades zal verminderen en operationele efficiency zal verbeteren. In het blad IFW geven deze organisaties hun mening over het voorstel: “Verification of actual container weight before vessel loading and the availability of the actual container weights for proper and safe stowage planning will mark a long overdue and important improvement in industry safety”.

De WSC en de ICS kijken verder uit naar een constructieve samenwerking met de IMO om nieuwe regelgeving te maken welke op een zo kort mogelijke termijn geïmplementeerd zou kunnen. De informatie uit landen waar dergelijke regelgeving al van kracht is zou volgens hen aantonen dat de operationele logistieke processen doorgang kunnen blijven vinden zonder een noemenswaardige verstoring van deze processen aldus een bericht in IFW. Het wordt aangenomen dat in 2013 de wijzigingen doorgevoerd zouden moeten zijn ondanks het feit dat een viertal subcommissies van de IMO een grote hoeveelheid werk zullen moeten gaan leveren.

Binnenvaart
Begin 2007 deed een binnenvaartondernemer met behulp van de kraanoperator en meetapparatuur op de kraan een eigen praktijk onderzoek. Bij geen van de toen 29 gecontroleerde containers kwam het gewicht overeen met het op het manifest vermeldde gewicht. In bijna alle gevallen waren de containers aanzienlijk zwaarder en in één geval veel lichter dan op het manifest stond.
In 2010 heeft ECT na overleg met het CBRB ook een klein onderzoek gedaan naar de gewichten van containers. Hieruit bleek, dat in een groot deel van de gevallen de gewichten weliswaar niet overeenkwamen met het vermelde gewicht, maar de verschillen waren relatief klein; in de meeste gevallen bleek de container lichter dan op het manifest.

We houden u op de hoogte van de ontwikkelingen bij de IMO.

Lloyd's Register heeft een communique opgesteld.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of de heer ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Vervolg van NAIADES actie programma

De afgelopen jaren is het actieprogramma voor de binnenvaart in Europa, 'Naiades' met als werknaam 'Platina', uitgevoerd. Het actieprogramma is ingesteld door de Europese Commissie. Het Naiades-programma zal waarschijnlijk vanaf 2013 een vervolg krijgen.
In juli 2011 is er een inleidende bijeenkomst door de Europese Commissie georganiseerd. Deze bijeenkomst was hoofdzakelijk bedoeld als discussiebijeenkomst om te weten te komen waar de sector behoefte aan heeft. Deze behoeften worden meegewogen bij de besluitvorming over de manier waarop de voortzetting van NAIADES wordt vormgegeven.
Het CBRB is in het kader van de Europese Binnenvaart Unie (EBU), waar het CBRB samen met zusterorganisaties uit de andere Europese landen deel van uitmaakt, aanwezig geweest bij de bijeenkomst.

Doel van het actieprogramma is het vervoer door de binnenvaart (van zowel personen als goederen) in Europa te bevorderen door een geïntegreerd programma vast te stellen.
Belangrijk hierbij is;

  • dat de binnenvaart ruimte heeft om te groeien;
  • om de groei te faciliteren er weinig extra kosten gemaakt hoeven te worden;
  • de milieuprestaties van de binnenvaart al goed zijn en nog verbeterd kunnen worden;
  • de externe kosten van de binnenvaart relatief gering zijn.

Elementen die volgens ons in ieder geval in aanmerking moeten komen voor bevordering door de Europese Commissie zijn:

  • Infrastructuur, zowel onderhoud als aanleg van (nieuwe) waterwegen en alles wat daarbij hoort.
  • Innovatie.
  • Opleiding en professionalisering.
  • Duurzaamheid en Milieu.
  • Inbedding in de logistieke keten, nieuwe logistieke concepten.

Dit alles in de meest brede zin om het potentieel van de binnenvaart beter te benutten.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer mr. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Keuring / certificering passagiersschepen, aanvulling

In de vorige nieuwsbrief hebben wij u geïnformeerd over wat de taakoverdracht van IVW naar marktpartijen betekent voor de keuring en certificering van passagiersschepen. Dit artikeltje was echter niet helemaal duidelijk, waardoor misverstanden zouden kunnen ontstaan. Om misverstanden te voorkomen:

Op dit moment zijn alleen de drie internationaal erkende binnenvaartklassebureaus (te weten: Bureau Veritas, Germanischer Lloyd en Lloyd’s Register) geautoriseerd om de certificering van passagiersschepen uit te voeren.

Daarnaast mogen het Nederlands Bureau Keuringen Binnenvaart (NBKB, waarbij diverse particuliere expertisebureaus zijn aangesloten), EFM en Register Holland weliswaar keuringen uitvoeren maar (nog) niet de certificaten verstrekken.

Meer informatie is te vinden via:

Naar boven


Veiligheid in de logistieke keten: Lancering Integrale Security Toolkit

Op woensdagmiddag 14 september as. lanceren de organisaties FENEX, ACN, CBRB, ORAM, TLN, KNV, Port of Rotterdam en EVO gezamenlijk de Integrale Security Toolkit. Deze Integrale Security Toolkit is tot stand gekomen met medewerking van de ministeries van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, van Infrastructuur en Milieu, en van Financiën.

Sinds de aanslagen in New York in september 2001 is er een groot aantal security-programma’s op het internationale bedrijfsleven afgekomen. Het gaat om programma’s op maritiem terrein, op het gebied van luchtvaart, douane en op het gebied van transport van gevaarlijke stoffen. Deze programma’s zijn zeker niet optimaal op elkaar afgestemd en de aanvraagprocedures verschillen sterk van elkaar. Bedrijven moeten voor elk programma afzonderlijk een aanvraag doen om een status te bereiken. Naast de programma’s op het gebied van terrorismebestrijding zijn er ook tal van regels op het gebied van algemene criminaliteitspreventie die geïmplementeerd moeten worden.

Zoals u zich wellicht nog herinnert, was het CBRB in 2008 opdrachtgever voor een onderzoek dat onder de titel “De containerbinnenvaart als secure lane” in maart 2009 gepresenteerd is. De in dit project ontwikkelde beveiligingsplannen, zowel gericht op barge operators als op inland terminals, vormen de basis voor het onderdeel binnenvaart in de Integrale Security Toolkit.

De Integrale Security Toolkit is een online tool die de barge operator / inland terminal middels een self-assessment assisteert bij het in kaart brengen van en het voldoen aan de eisen die de Nederlandse wetgeving stelt op gebied van veiligheid. De Integrale Security Toolkit omvat een breed scala aan toepassingsgebieden van AEO certificering tot terrorisme- en criminaliteitsbestrijding.

De Integrale Security Toolkit wordt gelanceerd tijdens het seminar “Veiligheid in de logistieke keten: hoe maakt u risico’s beheersbaar?” op woensdag 14 september van 15:30 – 18:00 uur bij het HbR te Rotterdam. Sprekers vanuit overheid en bedrijfsleven nemen u mee door het heden en de toekomst van het toezicht van de overheid en compliance bij het bedrijfsleven.

Meer informatie is te vinden via de website van de EVO

Voor meer informatie kunt u tevens contact opnemen met mevrouw ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Gestandaardiseerde toets na de ADN-herhalingscursus

In hoofdstuk 8.2 van het ADN staan de opleidingseisen van de deskundigen beschreven. Een deskundige is een persoon die een speciale kennis bezit van het ADN. Het bewijs van deze kennis moet worden geleverd door middel van een certificaat van een bevoegde autoriteit of een instantie erkend door een bevoegde autoriteit. Een dergelijk ADN-certificaat is vijf jaar geldig. Het certificaat moet vernieuwd worden in de periode van één jaar voor de afloopdatum van de betreffende verklaring. Het verlengen van de verklaring kan door het voltooien van een herhalingscursus. Deze herhalingscursussen voor het ADN-certificaat voor het vervoer van gevaarlijke stoffen dienen vanaf 2013 hoogstwaarschijnlijk afgerond te worden door middel van een schriftelijke toets. Nu is het bijwonen van de herhalingscursus nog voldoende.

De contouren van een verscherping van de criteria werden in het voorjaar van 2008 gevormd. In die periode waren er volop besprekingen tussen de overheid en het varende bedrijfsleven over de invulling van een intentieverklaring dat diverse zaken rondom het transport van gevaarlijke stoffen per containerbinnenvaart zou moeten verbeteren. Deze zaken waren naar voren gekomen tijdens grootscheepse controleacties van de handhavende diensten voor deze tijd. Het resultaat was de intentieverklaring Kreekrak welke dat jaar door verschillende partijen, waaronder het toenmalige ministerie van Verkeer en Waterstaat, het CBRB en een aantal van haar leden zoals Danser Containerline B.V., Van Uden Container Barging B.V., als ook MCT Lucassen, Maersk Benelux B.V en ECT, ondertekend werd. De hoofddoelen van de intentieverklaring waren als volgt:

  1. Het verhogen van de veiligheid van het binnenvaart containervervoer van gevaarlijk stoffen - Rotterdam - Antwerpen.
  2. Meer concreet de doelstelling om wettelijke vereiste ladingdocumentatie ten aanzien van gevaarlijke stoffen tijdig beschikbaar te stellen aan de Overheid.
  3. Voorts dat stuwage van containers op de juiste wijze plaatsvindt, met het oog op samenlading van stoffen en stabiliteit.
  4. De doelstellingen te bereiken middels intensieve samenwerking tussen de partijen op het gebied van informatie uitwisseling en op een aantal verwante, de veiligheid bevorderende, terreinen. De partijen zullen op vrijwillige basis meewerken om stuwplannen inzichtelijk te maken voor de vaarwegbeheerder.

De intentieverklaring maakte ook concreet melding van het verbeteren van het slagingspercentage van de participanten van een ADN-basiscursus welke op dat moment erg laag was. Er is vervolgens hard gewerkt aan het veranderen van de examenvragen door onder meer onduidelijk taalgebruik aan te passen. De overheid en het CBRB hebben internationaal meegedraaid in de diverse werkgroepen om onduidelijke examenvragen te verwijderen. In 2008 nam het percentage geslaagden toe met 11 procent ten opzichte van 2007. In 2009 was het percentage geslaagden ten opzichte van 2007 bijna verdubbeld tot 60 procent. Een ander actiepunt van het georganiseerde varende bedrijfsleven was het vervaardigen van de publicatie examentraining – ADN-basis waardoor participanten zich voorafgaande aan een cursus beter kunnen voorbereiden. Een actiepunt van de Nederlandse overheid betrof het internationaal bespreekbaar maken van het verplicht stellen van een herhalingsexamen voor de ADN-certificaathouders.

Tijdens de 17e vergadering van het ADN Veiligheidscomité in Genève in 2010 is het onderwerp met de overige ADN-landen besproken. Op verzoek van de Belgische delegatie (formeel vooralsnog geen ADN-land ten tijde van dit schrijven)  is later dat jaar in Brussel getracht een gezamenlijk voorstel te formuleren. De leden van de verschillende nationale delegaties waren het erover eens dat een meer gestructureerde herhalingstest/toets van toegevoegde waarde zou zijn om het veiligheidsniveau nog meer te verhogen al kon men tijdens deze bijeenkomst geen consensus vinden over het slagingspercentage van dergelijke toets. Voor de Belgische overheid was echter de kou uit de lucht en was de invoering van een officieel examen voorkomen. België maakte bezwaar tegen dit aspect want dit zou naar hun mening teveel administratieve en procedurele aanpassingen vergen. Inmiddels is een voorstel gereed dat ingebracht zal worden voor goedkeuring door de diverse ADN-landen in de komende vergadering.

Voorstel aanvulling randnummer 8.2.2.1 - Toetsen na een herhalingscursus
De opleidingsinstellingen zullen de theoretische kennis van de participanten aansluitend aan de herhalingscursus toetsen. Voor deze toets worden de meerkeuzevragen uit de algemene internationaal afgestemde vragenlijst gebruikt zoals beschreven in randnummer 8.2.2.7.1.3. De toets zal niet langer duren dan 40 minuten en de participanten dienen 17 van de 20 vragen correct te beantwoorden. Herhalingstoetsen die binnen een jaar voorafgaande aan het verlopen van het certificaat met goed gevolg afgelegd worden, zullen met een duur van 5 jaar verlengd worden na het verlopen van de datum die op het certificaat vermeld wordt. Gedurende de toets mogen de participanten gebruik maken van naslagwerk zoals het ADN en CEVNI  (European Code for Inland Waterways). Wanneer de toets niet met goed resultaat afgerond wordt, mag de participant gedurende de periode dat het oorspronkelijke certificaat geldig is een herhalingstoets afleggen zoals beschreven in randnummer 8.2.1. Het opleidingsinstituut dient de toetsresultaten gedurende een periode van vijf jaren te bewaren. De bevoegde autoriteit controleert het opleidingsinstituut periodiek om na te gaan of het proces rondom de herhalingstoets gevolgd wordt. Deze aanpassing is alleen van toepassing voor de basiscursus. Voor het verlengen van de gas- en/of chemieverklaring hoeft ook in de toekomst geen herhalingscursus worden gevolgd als de houder vaartijd kan aantonen. In dat geval moet wederom een bewijs van vaartijd aan boord van de desbetreffende type schepen worden aangetoond waaruit blijkt dat u tenminste één jaar, binnen de laatste twee jaar vóór afloop van de huidige verklaring, werkzaamheden hebt verricht aan boord van het desbetreffende type schip (G-schip of C-schip).

Een regionaal initiatief zoals een intentieverklaring Kreekrak voor specifiek de containerbinnenvaart zal hoogstwaarschijnlijk dus circa 5 jaar later een internationale verandering in de wetgeving teweeg brengen voor de gehele binnenvaart op het gebied van het transport van gevaarlijke goederen waardoor er meer uniformiteit met de overige vervoersmodaliteiten gecreëerd is.

Vooruitlopende op deze aanpassing in de wet- en regelgeving heeft het CBRB en GDS Cross Media Group twee jaar geleden een publicatie gelanceerd. Het betreft het ADN examentrainingsboek dat als hulpmiddel kan dienen bij het behalen van het ADN-vakbekwaamheidscertificaat.
De publicatie van de examenbundel richt zich vooral op randnummer 1.3.2.1: "Algemene bewustmaking. Het personeel moet bekend zijn met de algemene bepalingen van de voorschriften voor het vervoer van gevaarlijke goederen." De examentraining bevat diverse hoofdstukken met informatie over de wet- en regelgeving, classificatie van gevaarlijke stoffen, documentatie, veiligheidsuitrusting, brand en brandbestrijding, voorzorgsmaatregelen, seinvoering etc. Ieder hoofdstuk bevat een aantal oefenvragen die gebaseerd zijn op de officiële examenvragen. De ADN-examentraining (basis) is te bestellen via GDS Europe of 023 - 55 429 70 voor een stukprijs van € 15,- excl. BTW en verzendkosten.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Syntens Innovatie Quick Scan IQS

Syntens werkt in opdracht van het ministerie van Economische Zaken, dat hiermee het vernieuwend vermogen en daarmee de concurrentiepositie van het midden- en kleinbedrijf wil stimuleren. Daardoor kan Syntens onafhankelijk werken en bestaan er voor ondernemers geen financiële drempels. Syntens telt in totaal circa 450 mensen verspreid over 16 vestigingen in Nederland.
Website: www.syntens.nl
De diensten van Syntens: diensten voor ondernemers veelal kosteloos. Ondernemend Nederland vooruit helpen is de opdracht die vanuit het ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie hebben meegekregen. Syntens is er voor ondernemend Nederland. MKB’ers die ervoor openstaan om samen met anderen nieuwe business te ontwikkelen.

In het eerste half jaar van 2010 zijn meer dan 1.300 scans door ondernemers ingevuld op www.iqs.nl
De Innovatie Quick Scan wordt aangeboden door Syntens aan MKB-ondernemers die graag hun innovatievermogen willen meten. Onder innovatie wordt verstaan het vernieuwen van producten en diensten maar ook interne processen of het zoeken van nieuwe markten. Ondernemen is vooruitzien en kansen grijpen. Bij Syntens daagt men ondernemers uit om regelmatig iets nieuws te doen. Om te zorgen dat de kans van slagen toeneemt, is het voor u als ondernemer belangrijk om te weten hoe het zit met uw innovatievermogen.

Doe de test
Als u de scan maakt krijgt u een aantal vragen die gaan over uw bedrijf en over uw vermogen tot innoveren. Zoals: hoe zit het met de noodzaak om te vernieuwen, maar ook het klimaat en hoe werken de mechanismen bij vernieuwingstrajecten. Kortom in 8 minuten maakt u een scan van uw bedrijf. De theorie waarop de IQS is gebaseerd is ontwikkeld door Arthur D. Little. Het IQS-instrument is ontwikkeld door Syntens in samenwerking met het innovatieadviesbureau Van de Meer & Van Tilburg (www.innovation.nl). Vanuit de IQS-gedachte wordt innoveren gezien als het genereren van nieuwe bronnen van winst met het doel de continuïteit van de onderneming te waarborgen. Een momentopname van dit vernieuwingsproces wordt cijfermatig in kaart gebracht door middel van het meten van omgevingsfactoren en interne factoren van een onderneming, waaruit het innovatievermogen en het evenwicht in innovatie wordt bepaald.

De IQS beoordeelt drie aspecten van het innovatieproces binnen uw bedrijf.

Innovatieklimaat
Onder innovatieklimaat wordt verstaan: de cultuur en het gedrag in uw organisatie dat de innovatieve activiteiten binnen uw onderneming stimuleert. Bijvoorbeeld: open communicatie of de bereidheid om risico te nemen.

Innovatiemechanismen
Onder innovatiemechanismen wordt verstaan in welke mate u innovatieve activiteiten systematisch aanpakt. Bijvoorbeeld: het al dan niet projectmatig werken of het inzetten van stagiaires.

Noodzaak tot innovatie
De noodzaak tot innovatie is afhankelijk van de concurrentiepositie van uw bedrijf in uw branche en keten(s). Voor elk van deze onderdelen krijgt u een cijfer. Tezamen geeft dat een goed beeld van het innovatievermogen van uw bedrijf. Bovendien wordt aangegeven of uw vernieuwende activiteiten passen bij uw marktsituatie en wat u eventueel kunt verbeteren. Dat is het evenwicht in innovatie in uw bedrijf.

Doe de test
De theorie waarop de IQS is gebaseerd is ontwikkeld door Arthur D. Little. Het IQS-instrument is ontwikkeld door Syntens in samenwerking met het innovatieadviesbureau Van de Meer & Van Tilburg (www.innovation.nl).

Vanuit de IQS-gedachte wordt innoveren gezien als het genereren van nieuwe bronnen van winst met het doel de continuïteit van de onderneming te waarborgen. Een momentopname van dit vernieuwingsproces wordt cijfermatig in kaart gebracht door middel van het meten van omgevingsfactoren en interne factoren van een onderneming, waaruit het innovatievermogen en het evenwicht in innovatie wordt bepaald.

Resultaat
U ontvangt een grafiek die u laat zien hoe uw bedrijf ervoor staat. Daarnaast een beschrijving van uw innovatievermogen en de balans plus aandachtspunten die voor uw situatie van belang zijn. Wilt u daarna meer weten dan kunt u contact opnemen met Syntens. Zij komen dagelijks bij veel ondernemers over de vloer en kunnen u adviseren over het doorontwikkelen van uw innovatievermogen. Innovatievermogen. Onder innovatievermogen verstaan we de verzameling van kennis, vaardigheden van personeel en inzet van middelen die een bedrijf nodig heeft om innovaties met succes te kunnen realiseren. Innovatie is nodig om de continuïteit en groei van uw bedrijf te waarborgen. Kortom innovaties zijn een vernieuwing van producten, diensten of processen.

Doe de test hier (circa 8 minuten).

Naar boven


Betreden van besloten ruimten – nog geen harmonisatie Europese wetgeving

Enige tijd geleden heeft het CBRB, n.a.v. vragen van tankvaartleden over veranderingen in de procedures rondom het betreden van tanks bij de BASF in Antwerpen, het bedrijf verzocht voor een gesprek. Vorig jaar is er een additionele vragenlijst gevormd welke door SGS België (na vragen omtrent de procedure door BASF Antwerpen N.V.) geïntroduceerd is. Deze checklist moet samen met de kapitein worden doorgelopen en op alle punten ingevuld worden, indien er een tank betreden moet worden voor keuring.

Het gaat om een vragenlijst en aanzien van het betreden van besloten ruimten aan boord van binnenvaarttankers. Tijdens een opvolgend gesprek is het volgende aan de secretaris veiligheid en milieu alsmede de voorzitter van de CBRB werkgroep ADN/Transportveiligheid toegelicht. SGS heeft sinds 2003 in zijn intern kwaliteitsbeleid (Handboek van SGS Benelux) een checklist (GP 1817) ingevoerd, om een volwaardige risico-analyse uit te voeren in verband met het betreden van besloten ruimten. Deze checklist was een direct gevolg van een verandering in de Belgische wetgeving. Na analyse van een steigerincident in Antwerpen, werd vastgesteld dat deze procedure van SGS niet beantwoorde aan de geldende eisen van bevoegde inspectiediensten. Meer specifiek zijn de bepalingen met betrekking tot de redding van een eventueel slachtoffer uit de ruimte, zijn vervat in een aanvullende nota ter verduidelijking van de geldende Belgische wetgeving.

De Belgische wetgeving voorziet dat een werkgever en diens werknemers steeds moeten voldoen aan de Belgische arbeidswetgeving. Indien hij aan boord van een schip werkzaamheden uitvoert, dient hij dit nog steeds te doen in het kader van de Belgische wetgeving, ongeacht de vlaggestaat van het schip, zo lang dit schip in een Belgische haven aangemeerd ligt. De uitvoering van een risico-analyse is de basis van de reglementering van de arbeidsveiligheid (Wet op het Welzijn en Codex). Zodra een ruimte geklasseerd is als besloten ruimte, zijn alle voorschriften inzake toezicht en redding onverkort van toepassing; dit in verband met de grote restrisico’s bij betreding van besloten ruimte. Maatregelen om blootstelling aan een gevaarlijke atmosfeer te vermijden, zijn procedureel (i.c. procedures, checklijsten), en actief (i.c. het goed functioneren van apparatuur). De Belgische wetgeving (nota Januari 2002 CRC/ONG/009-N – toezicht op de betreder(s) en de eventuele redding van slachtoffers) gaat uit van het principe “eerstelijnsinterventie” (artikel 53 A.R.A.B. punt c van §1), waarbij de opgeleide en geoefende mangatwacht – met PBM – de redding onmiddellijk moet aanvatten door evacuatie van het slachtoffer van buitenaf of door betreding van de ruimte, zodra hij alarm geslagen heeft. De persoon die de eerstelijnsinterventie uitvoert, de zgn. mangatwacht of veiligheidspost is iemand die daarvoor speciaal toegewezen is. Hij heeft voor deze taak een specifieke opleiding en training genoten, die daarenboven periodiek herhaald wordt. Tijdens de uitvoering van zijn taak en die beschikt over het nodige interventiemateriaal om een begin van redding te kunnen uitvoeren. De verdere uitvoering van de redding moet gebeuren door een meer gespecialiseerde “tweedelijninterventie”. De meeste andere nationale wetgevingen, en richtlijnen (ADN 7.2.3, ISGOTT §10, ISGINTT §10, ICS tanker safety guide §3), bevelen deze mangatwacht om te wachten op assistentie alvorens de redding aan te vatten.

De praktijk
Industry Guidelines zijn een weerspiegeling van Best Practice. Vanuit die kennis bestaat reeds heel wat begeleiding onder de vorm van procedures. Het gebruik van controlelijsten is reeds wijd verbreid. Wat niet de bedoeling kan zijn, is wildgroei van controlelijsten.
Het ADN legt beperkingen op, maar die zijn minder stringent[i] dan “industry guidelines” en komen niet in de buurt van de welzijnswetten in de lidstaten. Binnen Europa kan elke lidstaat de opgelegde (sociale) richtlijnen met betrekking tot de veiligheid van werknemers strenger maken.
De Belgische wetgever gaat uit van 2 principes; de schade aan de betreder in nood zoveel mogelijk beperken, en schade aan wie hulp biedt, voorkomen.

Besluit
BASF verlangt van SGS niet meer, dan wat de Belgische wetgever oplegt. De checklist die SGS voorlegt aan de schippers, is daarvan een concrete invulling. Een risico-analyse, op maat geschreven van een betreding van een scheepstank.
Net zoals het opstellen van procedures en de zorg voor de correcte uitvoering daarvan, behoren de benodigde opleidingen en trainingen van betreder en veiligheidspost, tot de verantwoordelijkheden van de werkgever, in dit geval SGS.

Nederlandse Arbeidsomstandighedenwet
De werkgever moet gevaar voor derden, zoals bezoekers en omwonenden, voorkomen (art 10). Voor de Arbowet is een uitzendkracht gelijk aan een eigen werknemer (art 1). Wanneer meerdere werkgevers op een locatie werken, moeten ze onderling afspraken maken over arbeidsomstandigheden (art. 19). Het CBRB ziet veel haken en ogen wanneer dergelijke verplichting opgenomen zal worden in de andere landen en zal derhalve vooralsnog de vinger aan de pols houden inzake de additionele controlelijst en dit met de Europese Binnenvaart Unie (EBU) willen bespreken.

Naar boven


EFOA-Code of Best Practice / stand van zaken

Verdere stappen naar een vermindering van pieken

Zoals u reeds in een eerdere versie van de nieuwsbrief heeft kunnen lezen is er de laatste jaren veel te doen geweest bij de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) omtrent de concentraties MTBE (Methyl-tert-Butyl ether) / ETBE (Ethyl-tert-Butyl ether) in de Rijn. Het gebruik van ethers verschilt in Europa van land tot land, maar op dit ogenblik maken ethers ongeveer 4 procent uit van de totale Europese benzinevoorraad. Er worden in de afgelopen jaren regelmatig korte termijn concentratiepieken van brandstof-ethers MTBE en ETBE (in de Rijn) geconstateerd in het internationale controlestation in Bimmen-Lobith aan de Nederlands-Duitse grens. De pieken duren minder dan 24 uur, en verschillen in concentratie tot 60 - 70 µg/l, dus ver onder de risicogrens, maar wel in een hoeveelheid die een mogelijk risico vormt voor de smaak en de geur van het drinkwater dat uit het Rijnwater wordt geproduceerd. Mede door de inzet van de Nederlandse delegatie en de vertegenwoordiger van het Nationale Instituut van de Stichting Afvalstoffen Binnenvaart (SAB) is verdere regelgeving voor dit specifieke dossier tot nader order uitgesteld doordat de meetresultaten in Nederland een dalende trend laten zien. De reputatie van het transport per binnenvaartschip als zijnde milieuvriendelijk loopt, door deze voornamelijk in Duitsland gevoerde discussie, nog steeds gevaar. Onderzoek door The European Fuel Oxygenates Association (EFOA) wees destijds uit dat de bron van de pieken hoogstwaarschijnlijk een combinatie van vloeibare en gasvormige restladingen in binnenvaartschepen was. De stoffen vormen een potentiële zorg voor grondwaterbronnen. Kleine hoeveelheden (in sommige rapporten in het bereik van minder dan één deel per miljard) kunnen leiden tot een onaangename en onsmakelijke geur en smaak van grondwater hetgeen kan inhouden dat dit grondwater ongeschikt is voor consumptie. Daarom moet men voorzichtig zijn bij het verwerken, opslaan of overgieten van MTBE of benzine waaraan MTBE is toegevoegd, om ervoor te zorgen dat een dergelijk product niet in het milieu terechtkomt en niet kan doordringen tot het grondwater. Om bij te dragen tot een oplossing voor dit aanblijvende probleem, en in overeenkomst met zijn streven naar een verantwoorde zorg voor het milieu, heeft EFOA een tweetal jaren geleden praktische richtlijnen opgesteld voor personen die werken op en met binnenvaartschepen. De doelstelling van deze 'Code of Practice' is het minimaliseren van de resthoeveelheid damp- en vloeistof die ontstaat tijdens het vervoer van MTBE en ETBE om de kans op vrijkomen in het water te verminderen.

Hoewel dat bemoedigend is, schrijft EFOA middels een communiqué dat het nodig blijft om de productbehandeling te verbeteren en zo de pieken te blijven verminderen. Na de Code of Practice zorgvuldig te hebben herzien, is EFOA van mening dat de selectie van de schepen een van de belangrijkste punten is waar verbetering mogelijk is.
Wat de selectie van de schepen betreft, stelt EFOA voor dat producenten en consumenten van ethers de volgende opties overwegen om hun kwaliteitssystemen nog te verbeteren.

  • Eerst en vooral kunnen de binnenvaartschepen waarmee ethers getransporteerd worden, beter gecontroleerd worden door de logistieke keten in eigen beheer te houden. Daarom moeten ondernemingen nadenken over welke verkoopvoorwaarden de meest geschikte controle kunnen opleveren. Wanneer het rivierpeil laag staat, bieden dubbelwandige schepen bijvoorbeeld een bijkomende veiligheid bij een klein incident.
  • Ten tweede, zal ook de implementatie van product specifieke binnenvaartschepen (alleen ethertransport) voordelen opleveren. Het gebruik van product specifieke schepen zal leiden tot minder productresidu’s door het voorkomen van de noodzaak om te reinigen en te ontgassen. Daarnaast zal de hoeveelheid personeel in de logistieke keten verminderen, waardoor het mogelijk is om meer training en opleiding te geven.
  • Ten derde gelden striktere vereisten voor de opslag en het verwijderen van productresidu’s voor binnenvaarttankers waarvan de sloptanks geschikt zijn om residu’s op te laden. Een betere controle van productresidu’s moet onvermijdelijk leiden tot minder pieken. Daarom moedigen we de binnenvaart aan schepen te gebruiken met een sloptankvergunning om productresidu’s te laden.
  • Ten slotte wil EFOA iedereen eraan herinneren dat pieken het best vermeden kunnen worden door productresidu’s te beperken. Dit laatste kan worden bereikt door ervoor te zorgen dat bij het lossen het efficiënte “strippingsysteem” van, vooral dubbelwandige, schepen volledig kan gebruikt worden. Daarnaast moeten de ontvangstinstallaties garanderen dat er voldoende tijd en tankruimte beschikbaar is om het schip volledig te lossen via dit efficiënte strippingsysteem.

De genomen maatregelen tot een verdere vermindering van pieken kunnen deels of geheel bovenstaande suggesties of andere maatregelen omvatten.
EFOA en ook het CBRB (Europoort 2009) hebben via workshops getracht meer bewustzijn te creëren over de noodzaak om ETBE en MTBE op een juiste manier te behandelen. De Code of Practice is naar alle relevante leden verzonden een aantal jaren geleden en was een bijkomende manier om producenten, raffinaderijen en de gebruikers van de stoffen te informeren over de noodzaak om hun logistieke partners instructies te geven over gepaste kwaliteitssystemen. Daardoor zouden logistieke partners een onjuiste behandeling van getransporteerde MTBE en ETBE helpen vermijden. Zoals op onderstaande grafiek te zien, is er een daling merkbaar in het aantal pieken sinds de introductie van de Code of Practice.


Het uitgebreide document "MTBE / ETBE Transport over binnenlandse waterwegen" is te downloaden via www.cbrb.nl – publicaties. Via www.aqualarm.nl kunt u ook de actuele en historische concentraties zien van bijvoorbeeld MTBE en ETBE.

Het AQUALARM-systeem is de ruggengraat van de waterkwaliteitsbewaking van de Rijn en Maas te Lobith en Eijsden. AQUALARM is een systeem waarin de inwinning en verwerking van meetgegevens en de alarmmelding zijn geïntegreerd en volledig geautomatiseerd. Voor alle gemeten verontreinigende stoffen zijn in overleg met drinkwaterproductiebedrijven en de Hoofdinspectie voor de Volksgezondheid en voor de Hygiëne van het Milieu, signalerings- en alarmeringswaarden vastgesteld. Is er sprake van overschrijding van deze waarden, dan geeft AQUALARM een melding aan de betrokken instanties zoals waterbeheerders en drinkwaterproductiebedrijven. Het alarm blijft in werking tot de ontvangst van de melding is bevestigd. Voor de begeleiding en advisering bij deze incidentele verontreinigingen heeft de Waterdienst een groep deskundigen die 24 uur per dag paraat is. Op de meetstations Lobith en Eijsden zijn weekend- en beschikbaarheidsdiensten ingesteld.

Meer informatie is te vinden via www.efoa.org.
U kunt ook contact opnemen met de heer ing. Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Asbest en scheepswerven voor de binnenvaart

In het verleden werd er vaak gebruik gemaakt van asbesthoudende materialen in de scheepsbouw. Vanaf 1994 mag hier geen gebruik meer van worden gemaakt. Naar aanleiding daarvan zijn er een aantal regels opgesteld met bepaalde voorschriften voor de verwijdering van asbest in het Asbestverwijderingsbesluit 2005. Omdat er volgens een quick-scan, uitgevoerd in 2003, de regels niet voldoende bekend waren bij verschillende scheepswerven is er door de VROM-Inspectie in 2010 een inspectie geweest, verspreid over Nederland, waar scheepswerven voor de binnenvaart gecontroleerd werden op naleving van het Asbestverwijderingsbesluit 2005 en het Productenbesluit Asbest. De bedrijfsbezoeken bestonden uit een inspectie van het bedrijf en een administratieve controle van reeds uitgevoerde werkzaamheden.

Meer informatie kunt u vinden op: www.vrominspectie.nl
U kunt ook contact opnemen met de heer Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

 

Naar boven


Praktijkexamens spoedig van start

Bijna twee jaar is inmiddels gewerkt aan het ontwikkelen van een praktijkexamen schipper.  Het in onderwijsvraagstukken gespecialiseerde bureau Triamfloat  is hiervoor ingeschakeld door het Onderwijs Centrum Binnenvaart (OCB). Verder hebben het ministerie van Infrastructuur en Milieu, het CCV Examenhuis en het reguliere beroepsonderwijs aan dit project meegewerkt. Nu ligt er een uitgewerkt Plan van Aanpak en in september moet er, met een beperkt aantal kandidaten, een eerste ‘pilot’ van start gaan. De pilot is vooral bedoeld om van de eerste ervaringen met het praktijkexamen te leren en vervolgens waar nodig verbeteringen aan te brengen.
Deelname aan het praktijkexamen staat open voor kandidaten vanaf 21 jaar. Zij kunnen daarmee, met een tot één jaar gereduceerde vaartijd, hun vaarbewijs behalen. Het is de bedoeling dat er ook een praktijkexamen wordt ontwikkeld voor de kwalificatie als matroos; in België bestaat een dergelijk examen al. De praktijkexamens zijn met name bedoeld om tegemoet te komen aan de groeiende behoefte aan kortere opleidingstrajecten in de beroepspraktijk en moeten in de toekomst een belangrijke bijdrage leveren aan de bestrijding van het verwachte structurele tekort aan gekwalificeerden.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met het OCB, tel. 010 - 206 06 09 / www.onderwijs-binnenvaart.nl.

Naar boven


Proeftuin Maritieme Innovatie

Proeftuin Maritieme Innovatie (PMI) is een programma, geïnitieerd door de Werkgevers Drechtsteden met als doel om innovatie in de maritieme sector te stimuleren, de maritieme sector in de Drechtsteden te versterken en de maritieme sector aantrekkelijk te maken voor jongeren. PMI wordt ondersteund door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling. Het Expertise- en InnovatieCentrum Binnenvaart (EICB) is partner bij PMI en hierbij wordt samengewerkt met HME, Scheepsbouw Nederland en enkele onderwijsinstellingen.

In het kader van PMI worden er enkele workshops georganiseerd, zo zullen in september de volgende workshops worden georganiseerd:

  • Op 15 september as. zal een workshop ‘Scenarioplanning’ plaatsvinden bij de Hogeschool Rotterdam, waarbij de mogelijkheden van scenarioplanning worden besproken. Het is uiteindelijk mogelijk om studenten in te zetten om een strategisch ondernemingsplan op te stellen voor uw onderneming, waar scenarioplanning onderdeel van uit maakt. Investeringen (in innovaties) zijn voor een ondernemingen van zeer groot belang. De toekomst is onzeker dus kleven aan alle investeringen (financiële) risico’s. Het is bij dit soort investeringen van groot belang om te bepalen welke mogelijke toekomstscenario’s er zijn en hoe daarop in te spelen zodat de investeringsbeslissing zo gefundeerd mogelijk genomen kan worden. Met scenarioplanning is het mogelijk om de twee belangrijkste, meest invloedrijke onderwerpen tegenover elkaar te zetten, hieruit ontstaan vier mogelijke scenario’s en vervolgens kan er worden bepaald welke strategieën daarbij het beste van toepassing zijn.
  • Daarnaast zal er op 23 september as., eveneens in het kader van Proeftuin Maritieme Innovatie, een bijeenkomst worden gehouden over het Kleine Schip. Tijdens de bijeenkomst wordt er een stand van zaken gegeven over het Actieplan Klein Schip dat eind 2011 aan de Tweede Kamer wordt aangeboden. Daarnaast zullen er diverse sprekers zijn die hun visie geven over innovaties aan het Kleine Schip.

Voor meer informatie of aanmelden voor deze workshops, kunt u contact opnemen met de heer Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., tel. 010 - 798 98 30.

Naar boven


Handelsreis Seine-Nord 7 t/m 9 november 2011

PSPS Consultants export & investment services organiseert van 7 t/m 9 november in - opdracht van NL EVD Internationaal - een handelsmissie naar de regio Parcardië en Parijs in verband met het project Seine-Nord.

De Seine-Scheldeverbinding is ‘s werelds grootste binnenvaartproject van dit moment. Het Seine-Noord-project bestaat uit het verbinden van de rivier de Seine met de waterwegen en de zeven grootste havens van Noordwest Europa (Rotterdam, Le Havre, Antwerpen, Duinkerken, Rouen, Gent en Zeebrugge). Hiertoe zal een kanaal van 106 kilometer lang worden aangelegd. Zeven laad- en loskades, minstens vier multimodale terminals en vier multimodale overslagpunten worden langs deze waterweg gerealiseerd.

Het CBRB is gevraagd u te attenderen op deze handelsreis en is bedoeld voor ondersteuning bij het opzetten of uitbouwen van contacten.
De reis is geschikt voor maximaal twaalf bedrijven, op het gebied van: bouw- en engineering, logistiek, adviesbureaus, data en monitoring, bouw- en apparatuur m.b.t. intermodale activiteiten en energievoorziening.

Let op: dit is uw laatste kans om deel te nemen aan deze handelsreis, want de sluitingsdatum voor aanmelding is 30 augustus!

Kosten: € 500,- (excl. reis- en verblijfkosten in Picardië en Parijs).
U kunt zich opgeven via: www.agentschapnl.nl

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: PSPS Consultants Export & Investment Services,
Nadine Späth, e-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., telefoon: 070 - 322 90 06.

Naar boven


Riverdating 7 - 8 december 2011 in Parijs

Het Europese forum voor innovatief vervoer over water & multimodaal transport

Op woensdag 7 en donderdag 8 december as. vindt het event Riverdating plaats in Parijs. Dit event à la Barge to Business van december 2010 wordt ditmaal georganiseerd door de Franse waterwegbeheerder VNF (Voies Navigables de France) en Proximum Group. Deze twee dagen zijn bedoeld om alle transport en logistieke spelers samen te laten komen en deze spelers eventueel nieuwe mogelijkheden en samenwerkingsverbanden te laten ontwikkelen.

Het programma van Riverdating omvat business meetings om het netwerk van klanten, dienstverleners en logistieke partners uit te breiden met als gevolg tot concrete projecten te komen
Verder zal dit evenement presentaties en rondetafelgesprekken omvatten, waar de marktontwikkelingen alsook promotie van de binnenvaart op lokaal, nationaal en internationaal (Europees) niveau besproken worden.
Tot slot vindt er een uitreiking van de ‘inland waterway logistics innovation award 2011’ plaats. Deze award beloont de initiatieven en realisaties van projecten, die de integratie van de binnenvaart in de multimodale keten bevorderen.
Voor aanmelden en nadere informatie kijkt u op: www.river-dating.com

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Naar boven


Nieuwe leden

  • van der Laan Shipping B.V. te Maasbracht
  • Rederij L van Vliet te Schoonhoven
  • Transowa v.o.f te Hendrik Ido Ambacht

Naar boven


CBRB agenda

Voor vergaderingen, bijeenkomsten of bijzondere sluitingstijden van het Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart kunt u de agenda op onze website raadplegen.

Naar boven

Ga naar boven